‘Verenigd door muziek’. De slogan van het Eurosongfestival klonk afgelopen weekend bijzonder hol. De verdeeldheid op de liedjeswedstrijd was nooit eerder zo groot. Ondanks alle pogingen van de European Broadcasting Union (EBU) om het festival apolitiek te houden, is het tegendeel gebeurd.

“Politiek is altijd al binnengeslopen op het Eurosongfestival”, zegt journalist Bruno Beeckman, jarenlang freelance producer bij de EBU. “Denk maar aan de sympathy vote die de Oekraïense kandidaat in 2016 mee naar de winst hielp. Dat gebeurde niet lang na de annexatie van de Krim door Rusland. Alleen: politiek speelde nooit een hoofdrol. Tot nu. De EBU heeft zich dit jaar laten gijzelen door de politiek.”

Boegeroep

De oorlog in de Gazastrook zaait overal in de wereld verdeeldheid. Dat was in Malmö niet anders. De deelname van Israël was al lang voor de eerste noot weerklonk fel gecontesteerd. Tegenstanders vonden het niet kunnen dat de Israëlische kandidate Eden Golan vrolijk liedjes zou gaan zingen op het podium terwijl premier Netanyahu en co. bommen blijven gooien op de Gazastrook. 35.000 Palestijnen kwamen daar al om het leven. Duizenden betogers trokken vrijdag en zaterdag naar de Malmö Arena om hun ongenoegen te uiten. In de zaal zelf klonk luid boegeroep tijdens het optreden van Golan.

Aan de andere kant van het spectrum staan de vele Europeanen die voor Israël hebben gestemd en dus niks van een boycot wilden weten. Israël werd vijfde dankzij de stemmen van het publiek. Vijftien landen gaven Israël het maximum van de punten. Zelfs in ons land werd – voornamelijk vanuit rechtse hoek – opgeroepen om voor Israël te stemmen.

Traumatisch

“Israël had eigenlijk niet mogen deelnemen”, zegt Jonathan Hendrickx, auteur op Songfestival.be en mediaonderzoeker aan de universiteit van Wenen. “Ik begrijp dat het niet evident is om een omroep uit te sluiten, zeker omdat die van Israël onafhankelijk is. Rusland mocht ook niet deelnemen, maar daar gaat het duidelijk om een staatsomroep. Alleen had ik gehoopt dat de EBU meer moeite had gedaan om Israël te overtuigen thuis te blijven. De finalist van Litouwen tweette achteraf dat het een heel traumatische ervaring was. Kijk maar naar de extreme veiligheidsmaatregelen, zoals de sluipschutters op de daken. Dat had allemaal vermeden kunnen worden.”

Om Israël te bannen, was een brede consensus onder de leden – de openbare omroepen van de deelnemende landen dus – van de EBU nodig. Die was er duidelijk niet. De verdeeldheid in de Europese politiek over de oorlog in Gaza is zo weerspiegeld op het liedjesfestival. En bij uitbreiding de verdeeldheid in de hele samenleving. “Het Eurosongfestival zou eigenlijk een onschuldig cultureel event moeten zijn waar mensen samenkomen rond muziek”, zegt Kamil Bernaerts, politicoloog en expert polarisering aan de VUB. “Dat de oorlog in Gaza op zo’n evenement binnenkomt, toont hoe fel de kwestie onze samenleving polariseert. Eigenlijk is het straf dat het zeven maanden heeft geduurd alvorens het tot deze apotheose is gekomen.”

Zelfs het incident rond Nederlander Joost Klein is niet los te zien van het conflict in het Midden-Oosten. Klein werd gediskwalificeerd nadat hij een cameravrouw zou hebben bedreigd. Wat er precies gebeurde, is nog steeds onduidelijk, maar al snel regende het verontwaardigde reacties op sociale media. De “nultolerantie” van de EBU tegenover Joost Klein staat volgens critici in schril contrast met de houding ten opzichte van de oorlog die Israël voert in Gaza.

Joost Klein werd gediskwalificeerd.© AP

“Het Eurosongfestival is er lang in geslaagd waar Europese politici in faalden: een boodschap van universele, democratische waarden en verbondenheid uitdragen”, zegt Beeckman. “Die boodschap is nu volledig ondergesneeuwd.” De EBU gooide zelf olie op het vuur door het boegeroep weg te filteren uit de uitzending. “In Europa beschuldigen we Rusland voortdurend van het verspreiden van fake news, maar nu deed de EBU het zelf”, zegt Beeckman. “Dat staat haaks op de waarden van Europa.”

Eén ding is duidelijk: alvorens er een nieuwe editie van het liedjesfestival kan plaatsvinden, zal er nog een hartig woordje gesproken moeten worden onder de EBU-leden. “Het is onbegrijpelijk dat de EBU zowel bij de case Israël als bij Joost Klein eigenlijk niet wist wat het moest doen”, zegt Hendrickx. “Al een geluk dat uitgerekend het neutrale Zwitserland gewonnen heeft. Mocht Israël gewonnen hebben, dan denk ik oprecht dat het Songfestival niet meer had kunnen bestaan.”

Door NieuwsBlad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *