“De strijd is niet tegen een virus, maar tegen de vrijheid van de mens; een wereld waarin angst de ketenen smeedt die ons gevangen houden in een dystopische realiteit. Terwijl we ons verzetten tegen de schaduwen van controle, wordt de autonomie van onze geest het grootste doelwit. In deze oorlog is kennis onze enige wapenrusting, en de waarheid de enige weg naar bevrijding.”
“De oorlog is niet tegen een virus, maar tegen de autonome mens.”
Op zondag 31 mei nam ingenieur en voorzitter van de Biomedische Rekenkamer Cyril Wentzel het publiek in De Loods mee door een analyse die verder reikte dan één enkel dossier. Zijn conclusie: van klimaat tot corona, van energietransitie tot vaccinaties — achter al die verschillende crises schuilen steeds hetzelfde recept, dezelfde modus operandi en dezelfde onzichtbare actoren.
Angst als instrument van controle
Wentzel opende zijn betoog met een schets van de afgelopen decennia. Van de aanslagen op 9/11 en het immigratiedebat tot stikstof, corona en energiecrisis: telkens opnieuw werd angst ingezet als smeermiddel voor beleid dat mensen anders nooit zouden accepteren. Hij verwees daarbij naar het werk van filosoof Hannah Arendt en haar begrip ‘de banaliteit van het kwaad’. Wat op het eerste gezicht eruitziet als bureaucratische onkunde of losse incidenten, blijkt bij nader inzien een systeem waarbij vrijwel iedereen — bewust of onbewust — een pervers verdienmodel heeft aan de instandhouding van die angst. De waarheid daarentegen, zo stelde Wentzel droogjes vast, heeft geen verdienmodel:
Complotdenker: een psychologische operatie
Waarom dringen al die inzichten zo moeilijk door bij de doorsnee burger? Wentzel wees met een beschuldigende vinger naar een begrip dat hij omschreef als een CIA-psyop: het label ‘complotdenker’. Wie kritische vragen stelt over de officiële narratieven, wordt weggezet als paranoia-patiënt met een aluminium hoedje. Dat werkt buitengewoon efficiënt, aldus Wentzel. Je hoeft de inhoud van het argument niet meer te weerleggen — je plakt een etiket op de persoon en je bent klaar. Hetzelfde geldt voor het woord ‘wappie’, een term die hij zonder omwegen toeschreef aan mediafiguur Youp van ‘t Hek, die daarmee naar zijn mening bewust of onbewust de rol van een psychologische operatie heeft vervuld.
Onbetrouwbare instituties en de Cartesiaanse crisis
Een terugkerend thema in Wentzels presentatie was de instorting van institutioneel vertrouwen. Het CBS, de WHO, het IPCC, schoolboekenuitgevers, centrale banken: stuk voor stuk instituties waarvan de betrouwbaarheid volgens hem grondig is aangetast. Hij noemde dit de ‘Cartesiaanse crisis’, een begrip ontleend aan evolutionair bioloog Bret Weinstein. In een wereld waar ook visuele informatie volledig kan worden gemanipuleerd, ben je als burger teruggeworpen op je eigen directe ervaringen en persoonlijke contacten. Alles daarbuiten vereist voortaan een kritische blik. De coderingssystemen van de WHO noemde hij als concreet voorbeeld: wie de ziektecodering in handen heeft, kan statistieken en doodsoorzaken naar believen verhullen of kleuren.
Hetzelfde recept, dossier na dossier
Of het nu gaat om de stikstofcrisis, de klimaatagenda, de coronapandemie of de energietransitie: Wentzel ziet in elk dossier dezelfde volgorde. Eerst wordt consensus gecreëerd via gefinancierde kennisinstituten. Vervolgens wordt angst aangewakkerd via de media. Dan volgen maatregelen die worden doorgezet via wetgeving, waarbij lokale politiek en democratische controle worden omzeild. Subsidies fungeren daarbij als vermomde omkoping. Hoogleraar Besturen van Veiligheid Ira Helsloot van de Radboud Universiteit bood in zijn ogen een schoolvoorbeeld van hoe dit wordt afgedekt: via het concept ‘Rule of Rescue’ worden falende beleidsmaatregelen gerechtvaardigd als goedbedoelde maar ongelukkige pogingen — waarmee de zoektocht naar bewuste sabotage definitief wordt gestopt.
Vaccinatieobsessie en biologische oorlogvoering
Wentzel waagde zich ook op het terrein van biologische oorlogvoering, een dossier dat hij omschreef als nauw verweven met de vaccinatiedrang van de afgelopen jaren. Hij stelde dat het militair-farmaceutisch complex een centrale rol speelt in dit verhaal, en dat ziekten als Lyme mogelijk een historische link hebben met biowapen-programma’s. De ziektebeeldcoderingen van de WHO zouden daarbij strategisch worden ingezet om dwarsverbanden te verbergen. Dit sluit in zijn ogen naadloos aan op wat hij de ‘populatiedimensie’ noemt: een reeks agenda’s — van klimaatalarmisme tot genderverwarring en euthanasie-obsessie — die allemaal anti-nataal of zelfs pro-mortaal uitwerken. Hij verwees in dit verband naar het recent verschenen boek De populatie agenda van Coen Vermeeren.
Een derde rekenkamer als antwoord
De allergrootste gemene deler in al deze dossiers? Wentzel formuleerde het helder: het is een systematische oorlog tegen de autonome mens. Zijn antwoord daarop is niet wanhoop, maar organisatie. Naast de Biomedische Rekenkamer en de Groene Rekenkamer kondigt hij de oprichting aan van een derde rekenkamer, voorlopig aangeduid als de ‘complotrekenkamer’, met als werktitel Reclaiming Science. Die moet de meest gevoelige dossiers serieus en met statuur gaan onderzoeken. Wentzel sloot zijn betoog af met een onverwacht optimistische noot: kennis is macht, en het groeiende netwerk van mensen dat wél kritisch denkt, vormt de basis voor echte verandering. De pandemiewet moet van tafel — en zolang dat niet het geval is, houdt hij zijn rekenkamers overeind.

