
Wie legaal in Nederland verblijft en kan werken, hoort niet jarenlang op kosten van de belastingbetaler thuis te zitten. Werk is beter dan een uitkering. Werk kan helpen bij integratie, taalverwerving en zelfstandigheid. Daar hoeft rechts niet moeilijk over te doen.
Maar dat is niet het hele verhaal.
Dat zijn geen kleine proefprojecten meer. Dit is het begin van een permanente asielarbeidsmarkt.
DE COMBINATIE VAN GROOTBEDRIJF, OVERHEID EN MIGRATIELOBBY WORDT ZELDEN KRITISCH ONDERZOCHT. DDS doet dat wél. Help ons onafhankelijk blijven via IBAN NL95RABO0159098327, t.n.v. Liberty Media. Artikel gaat verder onder deze oproep.
Een netwerk van tientallen multinationals
Centraal staat Tent Nederland, een netwerk van ruim vijftig grote ondernemingen. Onder de leden bevinden zich bekende namen als Philips, IKEA, ABN AMRO, Randstad, Unilever, Arcadis, Kraft Heinz en Marriott International.
Bedrijven krijgen begeleiding, HR-training, toegang tot kandidaten en ondersteuning bij de communicatie over hun projecten. Via een netwerk van meer dan veertig ngo’s en lokale partners worden vluchtelingen rechtstreeks bij werkgevers aangeleverd. Ook kunnen bedrijven via Tent meewerken aan beleidsoplossingen van de overheid.
Daarmee gaat het veel verder dan een simpel vacaturebord. Er ontstaat een professioneel samenwerkingsverband tussen bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en politiek.
Het kabinet sluit zich aan
Ook het kabinet zet zwaar in op deze ontwikkeling. Minister Thierry Aartsen wil in vier jaar tijd 75.000 extra statushouders en kansrijke asielzoekers aan het werk helpen.
Het kabinet wil daarom werk centraal stellen in de inburgering. Nieuwkomers moeten vier dagen per week kunnen werken. Opleiding en ervaring uit het land van herkomst moeten sneller worden erkend. Ook moeten asielzoekers al tijdens hun verblijf in de opvang de taal leren en, zodra dat is toegestaan, een baan zoeken.
Op zichzelf is de eis dat mensen bijdragen volkomen terecht. Wie kan werken, moet werken. Het probleem zit in de politieke en economische logica die eromheen wordt gebouwd.
Personeelstekort wordt migratieargument
Nederland heeft personeelstekorten, maar die zijn niet uit de lucht komen vallen. Hoge lasten maken arbeid duur. Regeldruk verstikt ondernemers. De woningmarkt zit op slot. De zorg is overladen met administratie. Tegelijkertijd wordt nauwelijks serieus gesproken over automatisering, hogere lonen, betere arbeidsvoorwaarden of het activeren van honderdduizenden mensen die al in Nederland wonen.
Grote bedrijven hebben een eenvoudiger oplossing: een voortdurend aanbod van nieuwe arbeidskrachten.
Dat is aantrekkelijk voor ondernemingen die vacatures tegen zo laag mogelijke kosten willen vullen. Maar de maatschappelijke rekening komt elders terecht. Nieuwe inwoners hebben woningen, zorg, onderwijs, vervoer en publieke voorzieningen nodig. Hun gezinsleden kunnen later volgen. De druk op wijken en gemeenten neemt verder toe.
De baten komen bij de werkgever terecht. Een groot deel van de kosten wordt over de samenleving verdeeld.
Daarom mogen arbeidsmarkttekorten nooit worden gebruikt als moreel of economisch verkoopverhaal voor massa-immigratie. Asiel behoort te draaien om bescherming tegen vervolging, niet om personeelsplanning voor distributiecentra en hotelketens.
Werk mag geen verblijfsroute worden
Er bestaat bovendien een fundamenteel verschil tussen arbeidsmigratie en asiel. Bij arbeidsmigratie kan een land bepalen welke vaardigheden nodig zijn, hoeveel mensen worden toegelaten en onder welke voorwaarden zij blijven. Bij asiel wordt bescherming gevraagd vanwege persoonlijke vervolging of gevaar.
Wanneer die twee systemen in elkaar schuiven, ontstaat een perverse prikkel. De asielzoeker wordt steeds meer gepresenteerd als een oplossing voor de arbeidsmarkt. Daarmee wordt iedere poging om de instroom te beperken onmiddellijk neergezet als economische zelfbeschadiging.
Dat is precies het narratief waar multinationals belang bij hebben. Zij krijgen toegang tot werknemers, terwijl de overheid zorgt voor opvang, procedures, inburgering en een groot deel van de maatschappelijke infrastructuur.
Eerst de instroom beperken
Mensen die hier rechtsgeldig mogen blijven, moeten zo snel mogelijk zelfstandig worden. Dat is beter voor henzelf en beter voor de belastingbetaler. Maar arbeidsdeelname is geen vervanging voor streng grens- en asielbeleid.
Nederland moet eerst de instroom onder controle krijgen, de asielprocedure aanscherpen en uitgeprocedeerde vreemdelingen daadwerkelijk laten vertrekken. Daarna kan worden gewerkt aan de integratie van degenen die aantoonbaar recht hebben op bescherming.
Wat nu ontstaat, is iets anders: een alliantie van kabinet, multinationals en ngo’s die een permanente asielarbeidsmarkt bouwt. Die ontwikkeling verdient veel meer wantrouwen dan zij van de gevestigde media krijgt.
Want zodra het grootbedrijf afhankelijk wordt van deze instroom, zal iedere beperking van asielmigratie worden bestreden als een bedreiging voor “de economie”. Dan is niet langer bescherming het uitgangspunt, maar goedkope beschikbaarheid van arbeid.
Nederland is geen personeelsafdeling van het internationale grootkapitaal.
.

