Noem dan een voorbeeld van een “aantoonbaar onjuiste” bewering, vroeg Van Meijeren in het debat aan de minister. Yeşilgöz ontweek de vraag. Van Meijeren verwees naar meerdere verklaringen van gynaecologen, die bevestigden dat het destijds 14-jarige slachtoffer Lisa was bevallen. Deze baby is spoorloos en toont volgens de politicus dus aan “dat er hoe dan ook een strafbaar feit moet zijn gepleegd. Dat zou voldoende aanleiding moeten zijn voor uitgebreid onderzoek”. In de zaak Lisa heeft het Openbaar Ministerie echter geweigerd om het bewijs in ontvangst te nemen.

GGZ-behandelaar Aline Terpstra bevestigt de lezing van de politicus. “Er is ondersteunend bewijs, waaronder foto’s, filmpjes, en potentieel verifieerbare informatie over cold cases.” Ook Herry Vos van KTGG – die het inhoudelijke grotendeels eens is met Van Meijeren, maar veel moeite heeft met zijn aanpak en toon – kan de minister niet volgen: “Als meerdere personen die elkaar niet kennen hetzelfde aangeven over bijvoorbeeld personen of locaties, op basis van welke argumenten wordt dan beschouwd dat er geen ‘ondersteunend’ bewijs is? En – gezien het geheime karakter van georganiseerd misbruik en de mate van geweld – wie zou dat ondersteunend bewijs moeten leveren? De daders zelf?”

Van Meijeren stelde na het debat op ‘X’ dan ook dat “Yeşilgöz glashard liegt dat de verklaringen van de slachtoffers van srm ‘aantoonbaar onjuist’ zouden zijn en dat forensisch bewijs “schaamteloos wordt genegeerd”. De FVD’er zegt dat “Hendriks in totaal maar 21 slachtoffers heeft gesproken. Dat is aanzienlijk minder dan de 140 die Argos heeft onderzocht”.

Argos geeft aan de verklaringen niet te hebben gedeeld met de recherche. “Zo is het uitgesloten dat al die 140 zaken zijn onderzocht, zoals de minister beweert”, aldus Van Meijeren. De minister wees in haar betoog wel naar de bijlage Politieonderzoek naar ritueel misbruik uit het rapport van de commissie Hendriks. Maar ook daarin staat dat het OM en het Team Bestrijding Kinderporno en Kindersekstoerisme (TBKK) van de Landelijke Eenheid “geen toegang heeft gekregen tot de door Argos verzamelde gegevens van de gestelde 140 slachtoffers van het Argos-onderzoek”, iets wat ook door de onderzoeksjournalisten wordt bevestigd. Als Argos de casussen niet heeft gedeeld met politie of de commissie Hendriks en de meeste slachtoffers werken niet mee met onderzoek, waarop baseert de minister dan haar verhaal?

Hendriks schrijft bovendien dat “de wel afgelegde verklaringen van slachtoffers vaak te weinig aanknopingspunten gaven om politieonderzoek uit te kunnen voeren”. Slachtofferverklaringen die wél onderzocht konden worden, berusten volgens hem “op een grote mate van onwaarschijnlijkheid”. Aangezien “slechts een beperkt aantal gevallen onderzocht kon worden” stelt het rapport dat de conclusies daarom “niet gegeneraliseerd kunnen worden naar alle slachtofferverklaringen van ritueel misbruik”. Van Meijeren verwijt de Commissie Hendriks verder dat ze geen onderzoek hebben gedaan naar de netwerken en invloedrijke mensen op hoge posities. “Juist omdat ze vanuit hun machtspositie ervoor kunnen zorgen dat die aangiftes of onderzoeken in een vroeg stadium gefrustreerd worden, wat eerder is gebeurd in de Rolodex-affaire en de zaak Demmink.”

Ondertussen beschuldigde D66-Kamerlid Marijke Synhaeve collega Van Meijeren in het debat van het verspreiden van “complottheorieën over georganiseerd seksueel misbruik” die schadelijk zouden zijn voor slachtoffers, omdat ze daardoor juist minder snel geloofd worden. Ze vroeg hem bovendien wat hij nou eigenlijk voor de slachtoffers heeft gedaan. Van Meijeren reageerde door te stellen dat hij “die verhalen over complottheorieën, nogal goedkoop vindt”. Hij probeert de slachtoffers in de Kamer een stem te geven en hun verlangen naar onafhankelijk onderzoek in moties om te zetten. Yeşilgöz verweet Van Meijeren daarmee de onafhankelijke instanties te wantrouwen. Ze heeft geen behoefte om het werk van deze instanties te beoordelen en het rapport Hendriks te betwijfelen, omdat ze daarmee een “parallele werkelijkheid” zou creëren.

Hoe nu verder? Van Meijeren wil een nieuwe motie indienen om zo alsnog een onafhankelijk onderzoek mogelijk te maken. Hij vreest echter een gebrek aan steun in de Kamer. “Ze willen dit (ritueel misbruik – red.) eigenlijk niet geloven en vinden het comfortabel als de commissie Hendriks zegt dat er geen bewijs is. Ik verwacht dat ze hun best gaan doen om dit weer onder het tapijt te vegen en overgaan tot de orde van de dag.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *