
Met een overweldigende 73,4 procent van de stemmen steunden de kiezers de wetswijziging die de regering had voorgesteld als tegenvoorstel op een initiatief van de Swiss Freedom Movement. Die burgerbeweging had meer dan 100.000 handtekeningen verzameld om cash te beschermen, maar hun eigen voorstel haalde slechts 46 procent. De gematigder regeringsvariant won ruim.
Het is een duidelijke schop tegen de trend van volledige digitalisering van betalingen – een trend die na de coronapandemie alleen maar is versneld. Terwijl in Zwitserland het aandeel contante betalingen aan de kassa daalde van meer dan 70 procent in 2017 naar nog maar 30 procent in 2024, zeggen de burgers luid en duidelijk: tot hier en niet verder.
Dit gaat niet alleen om praktisch gemak. Het gaat om vrijheid. Contant geld is anoniem, het laat geen digitaal spoor na bij elke boodschap of tankbeurt. Het beschermt tegen overheden, banken en techbedrijven die precies willen weten wat je doet, wanneer en met wie. De angst voor een “Big Brother”-scenario – waarin cash volledig verdwijnt en elke transactie traceerbaar en blokkeerbaar wordt – is allerminst een complottheorie. Kijk alleen al naar de plannen van de Europese Centrale Bank voor een digitale euro. Of naar hoe sommige overheden tijdens de coronacrisis betalingen probeerden te sturen.
De EU is inmiddels zelf zo nerveus geworden dat ze een wetsvoorstel heeft gedaan om fysiek geld binnen de Unie te waarborgen. Maar woorden zijn goedkoop; Zwitserland doet het gewoon.
Nederland zou dit voorbeeld ogenblikkelijk moeten volgen. In plaats van braaf mee te hollen met de digitale agenda van Brussel en de ECB, moeten we het recht op contant geld ook grondwettelijk verankeren. Want wie contant geld afschaft, geeft burgers over aan totale controle. Geen cash meer betekent: geen vrijheid meer om buiten het systeem om te handelen.
De Zwitsers hebben met directe democratie laten zien dat burgers nog wél in staat zijn hun eigen vrijheid te verdedigen. Hoog tijd dat Den Haag dat ook eens leert.
.

