• di. jul 14th, 2026

Het Nieuws Maar Dan Anders,

Anders Hoor Je Het Niet!

https://www.politico.com/news/2026/07/09/the-administration-has-a-new-climate-change-office-its-headed-by-a-climate-critic-00990916

Het Congres heeft het U.S. Global Change Research Program in het leven geroepen via de Global Change Research Act van 1990. Dertien bij de start, en later vijftien federale instanties coördineren via dit programma hun klimaatonderzoek, en om de vier jaar brengt het de National Climate Assessment uit, een uitgebreid rapport over hoe een veranderend klimaat naar verwachting de Amerikaanse infrastructuur, landbouw, watervoorziening en economie zal beïnvloeden. Dit is zeker geen onbelangrijk document. Instanties baseren zich erop wanneer ze regels opstellen. Partijen in rechtszaken baseren zich erop wanneer ze een rechtszaak aanspannen. Het rapport heeft dus wettelijk gewicht, en dat is precies de reden waarom de zeggenschap erover nu al onder drie regeringen omstreden is.

Het is de moeite waard om te onthouden hoe we hier terecht zijn gekomen. De regering heeft het programma in 2025 uitgehold; het contract dat het technisch personeel ondersteunde opgezegd en de groep auteurs ontbonden die al aan de zesde beoordeling werkte. Wat Politico nu beschrijft, is dat het bureau onder nieuw management weer wordt opgezet. De benoeming van iemand die sceptisch staat tegenover het heersende verhaal, wordt in de berichtgeving dan ook behandeld als een schandaal op zichzelf.

Geen verrassing

Niets van dit alles is geïmproviseerd. Russ Vought, begrotingsdirecteur van het Witte Huis, heeft het programma jarenlang afgeschilderd als een bron van wat hij ‘klimaatalarmisme’ noemde, dat de uitvoerende macht strakker onder controle moest brengen – een standpunt dat hij duidelijk uiteenzette in het beleidshandboek ‘Project 2025’. De heroprichting onder leiding van een scepticus, is dus geen verrassing. Het plan verloopt precies zoals bedoeld. Of je dat toejuicht of vreest, hangt bijna volledig af van je kijk op het programma (zoals het was).

Let op. Het bezwaar is níet dat Wielicki geen wetenschappelijke opleiding heeft genoten. Hij heeft een doctoraat en heeft gepubliceerd. Het bezwaar is dat hij de verkeerde conclusies trekt. Dat is een andere klacht dan het op het eerste gezicht lijkt, en het is de moeite waard om dit duidelijk te benoemen voordat we verdergaan.

Het volgende aspect is denk ik het belangrijkst, en het komt rechtstreeks uit de eigen berichtgeving van Politico. De groep onderzoekers die onder leiding van minister van Energie Chris Wright was samengesteld – dezelfde groep die vorig jaar het rapport A Critical Review of Impacts of Greenhouse Gas Emissions on the U.S. Climate van het Ministerie van Energie produceerde – stelde een herschreven Assessment voor. Ze waarschuwden dat het bestaande rapport juist enorme invloed heeft omdat het een bronvermelding is die routinematig wordt aangehaald in klimaatrechtszaken.

De bezorgdheid over de Assessment, geuit door juist degenen die deze willen herschrijven, is niet in de eerste plaats dat deze het weer of het klimaat verkeerd beschrijft. Het gaat om het feit dat de Assessment als bewijs fungeert.

Rechtszaken

De National Climate Assessment is een cruciaal referentiepunt geworden in rechtszaken tegen energiebedrijven en bij de juridische verdediging van federale regelgeving. Dat is dus een observatie over hoe het document wordt gebruikt, niet over hoe bijvoorbeeld de temperatuur zich heeft ontwikkeld. En als je dat eenmaal inziet, lijkt de strijd over wie het programma leidt, minder een strijd over wetenschap en meer een strijd over een juridisch instrument. Het is geen toeval dat het rapport van het DOE gelijktijdig met het initiatief van de EPA verscheen om de ‘Endangerment Finding’ uit 2009 te heroverwegen, de hoeksteen van de regelgeving (die door de Assessment in stand wordt gehouden).

Dit maakt duidelijk wat er op het spel staat. Wanneer een rapport wordt geschreven om in de rechtbank te worden aangehaald, is een sceptische redacteur een bedreiging.

Judith Curry, een van de door Wright geselecteerde wetenschappers en voormalig voorzitter van de afdeling Aard- en Atmosfeerwetenschappen aan Georgia Tech, gaf Politico de scherpste inhoudelijke kritiek op de NCA. Haar bezwaar was specifiek: de laatste Assessment leunde veel te zwaar op extreme emissiescenario’s. Om die reden noemde ze het rapport “vrijwel nutteloos”.

Vaste lezers zullen begrijpen waarom dat klopt. We hebben nu al maandenlang uitvoerig gedocumenteerd hoe juist die extreme scenario’s stilletjes uit de gangbare klimaatmodellering zijn verdwenen. Op 7 april 2026 schrapte het ScenarioMIP-team SSP5-8.5 en SSP3-7.0 formeel uit CMIP7. In het conceptdocument, Van Vuuren et al. 2026 in Geoscientific Model Development, werd gesteld dat het oude scenario met hoge uitstoot “ongeloofwaardig” was geworden. Dat heeft een enorme impact.

We hebben aandacht besteed aan het artikel toen het verscheen, hebben nagegaan hoe het in diskrediet geraakte scenario nog steeds de literatuur over klimaatgevolgen domineert, hebben gezien hoe het een nieuwe rampenstudie ondermijnde, en hebben gesproken met Roger Pielke Jr., die al jaren betoogt dat het scenario van begin af aan niet aannemelijk was. Uit Pielke’s vergelijking tussen gelijkwaardige scenario’s met behulp van de FaIR-emulator, blijkt dat het nieuwe CMIP7-scenario met hoge uitstoot tegen het einde van de eeuw ongeveer 0,9 °C minder opwarming veroorzaakt dan het afgeschafte SSP5-8.5-scenario.

Afstand nemen

Dus wanneer Curry zegt dat de Assessment te zwaar leunde op deze emissietrajecten, is dat geen marginale klacht. Ze beschrijft iets wat de modelleergemeenschap zelf inmiddels heeft toegegeven, zwart op wit, in het toonaangevende tijdschrift van haar eigen vakgebied. Het extreme scenario dat ten grondslag lag aan een groot deel van de alarmerende bewoordingen in de National Climate Assessment, is hetzelfde scenario waarvan de eigen architecten dit voorjaar afstand hebben genomen.

Dat heeft gevolgen voor de verdere ontwikkelingen. De meest citeerbare cijfers uit de NCA – de voorspelde klappen voor het BBP, de kustoverstromingen, de schattingen van de ineenstorting van de landbouw – waren in veel gevallen berekend op basis van het oude scenario met hoge uitstoot. Haal de basis weg en de cijfers veranderen, soms aanzienlijk. Een redacteur die erop staat dat het volgende rapport scenario’s gebruikt die de modelleurs onderschrijven, pleegt geen censuur. Hij vraagt juist dat het rapport actueel blijft.

Hier volgt het standpunt van de andere kant.

Wielicki is geen bekende naam, en het label ‘professor in ballingschap’ is iets dat gemakkelijk tot spot uitnodigt. Zijn benoeming werd bevestigd via zijn eigen berichten op social media en één anonieme bron, dus enige voorzichtigheid met betrekking tot de fijnere details is geboden totdat het ministerie iets officieel bekendmaakt.

Meer inhoudelijk gezien bracht het DOE-rapport, waarop deze nieuwe koers lijkt voort te bouwen, de ‘consensus’ in rep en roer. Ten minste vijfentachtig alarmistische wetenschappers stelden een weerlegging van meer dan vierhonderd pagina’s op, die door de auteurs als bevooroordeeld en onbetrouwbaar werd beoordeeld.

Ook oordeelde een federale rechter begin 2026 dat de werkgroep van Wright was samengesteld in strijd met de federale transparantiewet, hoewel dezelfde rechter weigerde het rapport uit het dossier te schrappen.

Michael Kuperberg, die het programma onder twee eerdere regeringen leidde, verwoordde zijn gebruikelijke bezorgdheid over de consensus onomwonden tegenover Politico: een beoordeling geschreven door een kleine, zorgvuldig geselecteerde groep zal niet representatief zijn voor het bredere vakgebied, en het echte slachtoffer zal het vertrouwen van het publiek in de federale wetenschap zijn.

Publiek vertrouwen

Maar dat mes snijdt aan twee kanten. Als het vertrouwen van het publiek in een overheidsrapport afhangt van het uitsluiten van elke onderzoeker die het er niet mee eens is, dan was dat vertrouwen nooit op de wetenschap gebaseerd. Het berustte op de consensus over het onderwerp.

Maar let op wat de weerlegging en de uitspraak niet aan de orde stellen. De uitspraak van de rechters over transparantie ging over het proces, over hoe de groep was samengesteld, niet over de vraag of de groep gelijk had. En de kritiek op het scenario die Curry naar voren bracht – die we hier al maanden documenteren – blijft hierdoor volledig intact, omdat die helemaal niet afkomstig is van het DOE. Die is afkomstig van Van Vuuren en het ScenarioMIP-team. Je kunt de modelleurs niet weerleggen door de modelleurs zelf aan te halen.

Dit is dus de kern van de zaak. Een sceptische wetenschapper is aangesteld als verantwoordelijke voor een door de belastingbetaler gefinancierd rapport dat mede bepalend is voor federale regelgeving en klimaatrechtszaken, en in de berichtgeving wordt zijn scepsis behandeld als een reden voor diskwalificatie. Ik zou het juist andersom zien. Een document met zoveel juridisch en financieel gewicht zou een sceptische redacteur moeten kunnen doorstaan. Als dat niet het geval is, zegt dat iets belangrijks over het document.

Kritische toetsing van een overheidsbeoordeling door iemand die geneigd is deze in twijfel te trekken, vormt geen bedreiging voor de wetenschap. Het is een stresstest.

Hier komt het grappige deel: dr. Michael Mann reageerde, zoals te verwachten was, op Twitter.

De heerlijke ironie hiervan is dat Mann nooit is gevraagd om voorzitter te worden van de USGRP of enige andere nationale klimaatorganisatie, ook al is hij degene met alle onderscheidingen en noemt hij zichzelf een ‘Nobelprijswinnaar’.

Dat moet hem echt dwarszitten zodra hij het beseft, of zodra iemand hem erop wijst, want hij is te blind om het zelf te zien.

GEWONNEN.

P.S. Het grappige is dat Mann zich nu al presenteert alsof ‘zijn haren in brand staan’.


Source: https://clintel.nl/matthew-wielicki-amerikaanse-klimaatevaluatie/

.


Door Clintel

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *