Vanmiddag vindt het plenair debat plaats in de Tweede Kamer over “het bericht dat volgens de Tsjechische geheime dienst Rusland cash betaalde aan Nederlandse en Europese politici” (16:30 – 22:30 uur). Inmiddels is ook duidelijk dat het verhaal over de omgekochte politici ook bij de AIVD bekend zou zijn. Al maanden lang zelfs. En daarmee is nog niets gebeurd. Aan minister Hugo de Jonge van binnenlandse zaken, verantwoordelijk voor de AIVD, is gevraagd opheldering te geven. Die heeft geantwoord dat hij een onderzoek wil starten en daar voor het zomerreces resultaten over bekend wil maken. Ná de Europese verkiezingen dus van begin juni.

Omkoping van politici met buitenlands geld mag niet boven de markt blijven hangen

Deze boodschap is nogal schokkend. Nederlandse of Europese politici die in cash zouden zijn betaald door Rusland? Maar dat zou neerkomen op omkoping. Deze aantijgingen zouden moeten worden onderzocht en, indien bevestigd, worden bestraft. En snel. Natuurlijk kan dat niet wachten tot na de Europese verkiezingen, zoals De Jonge voorstelt. Maar de vraag is: kan dat wel? Kan iemand bewijzen dat hij niet met cash is omgekocht door een geheime dienst van een ander land?

Pratende ezels en de theepot van Russell

Dat is lastig, want sommige beweringen zijn zo geformuleerd dat de ontkrachting daarvan in feite niet mogelijk is. Dit is een voorbeeld van zo’n stelling door mijn favoriete historicus John Bagnell Bury (1861-1927) in zijn onvolprezen boekje History of the Freedom of Thought (1913):

“Als je verteld zou worden dat er op een bepaalde planeet die om Sirius draait een ras van ezels leeft die de Engelse taal spreken en hun tijd doorbrengen met het bespreken van eugenetica, dan zou je de bewering niet kunnen weerleggen, maar zou het daarom enige aanspraak maken om geloofd te worden? Sommige geesten zouden bereid zijn het te accepteren, als het maar vaak genoeg herhaald werd, door de enorme kracht van suggestie” (p. 20).

Er zijn vele varianten op dit mechanisme. Een andere auteur die in feite bekender is dan Bury, is Bertrand Russell (1872-1970). Russell is de auteur van “Russell’s Teapot”. Het verhaal over de theepot laat zich enigszins vereenvoudigd als volgt weergeven:

Let op het “too small to spot”: wat te klein is om te zien, kan dus niet worden gezien. Je kan dus veilig claimen dat zich een theepot tussen de aarde en mars bevindt die te klein is om te zien zonder dat de stelling kan worden ontkracht.

Is het verhaal van de Tsjechische geheime dienst een theepot-verhaal?

Is het verhaal van de Tsjechische geheime dienst dat Rusland cash betaalde aan Nederlandse en Europese politici ook een theepot-verhaal? Of een verhaal over een soort van ezels die woont op een planeet rond Sirius die de Engelse taal spreken en hun tijd doorbrengen met het bespreken van eugenetica? Dus een ezels-die-eugenetica-bespreken-verhaal?

Wie stelt moet bewijzen

Het antwoord op theepotverhalen is doorgaans: wie stelt moet bewijzen. Of: onschuldpresumptie, wat betekent dat men onschuldig is totdat schuld wordt bewezen. De essentie van de rechtsstaat is dat niemand kan worden veroordeeld als niet bewezen is dat een bepaalde persoon zich heeft schuldig gemaakt aan het overtreden van de wet. Maar in het Kamerdebat van 2 april zullen heel wat theepotclaims worden geformuleerd met de uitnodiging aan het beoogd slachtoffer van een theepot-claim dat hij maar moet zien het verhaal te ontkrachten.

Wilders mag beginnen. Hij heeft (of had), net als FVD, een andere visie op Rusland en Oekraïne en het is dus vrij spel voor zijn politieke vijanden (en wie is dat niet?) ten aanzien van zijn partij hem met theepotclaims verdacht te gaan maken. Klaver is daar al mee begonnen ten aanzien van Baudet vorige week en nu is Wilders het tweede target van suggestieve theepot verhalen.

De tweede spreker, Frans Timmermans, gaat ongetwijfeld in de lijn van Klaver verder. Dit debat is belangrijk, want Baudet was voorgerecht, Wilders hoofdschotel. Waarom?

Waarom worden politieke theepotverhalen in omloop gebracht?

Om twee redenen.

Eén: de coalitiebesprekingen tussen PVV, BBB, NSC en VVD moeten kapot. Dat is links tot nu toe nog niet gelukt. Dit is hun kans.

Twee: de Europese verkiezingen komen eraan en PVV staat op grote winst. Dat betekent dat zich in Nederland, net als in de rest van Europa, de ruk naar rechts zich zal voltrekken. Dat geeft paniek bij links! Alles moet uit de kast worden getrokken om rechts pootje te lichten. En in deze context moet men het verhaal van de Tsjechische geheime dienst zien.

Mijn voorspelling: de Tsjechen komen met niks. En de AIVD zal ook niet met namen komen. Als ze die namen hadden gehad dan mag je verwachten dat de omgekochte politici allang voor de rechter hadden gestaan.

Waarom worden theepotverhalen in de lucht gehouden?

Waarom dan toch de verspreiding van deze theepotverhalen? Antwoord: omdat hier politieke belangen mee gemoeid zijn. Het boven de markt houden van de onbewezen en onbewijsbare theepotstellingen over Russische omkoping heeft grote politieke voordelen. Ook in Duitsland wordt deze strategie om de ruk naar rechts te frustreren beproeft. Daar is AfD doelwit. Klaver, Dassen en Timmermans zullen tijdens het debat proberen te kapen door de bewijslast om te draaien. Wilders moet stand houden en insisteren op bewijs. Het is een unieke kans voor Wilders om te hameren op handhaving van de principes van de rechtsstaat en Groen/Links, Volt en D66 te stigmatiseren voor wat ze zijn: ondermijners van de rechtsstaat.

Paul Cliteur is de schrijver van Moreel Esperanto: naar een autonome ethiek (2007):

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *