
Dat kan bijvoorbeeld relevant zijn wanneer het inkomen na pensionering is gedaald of een eerdere inkomstenbron is weggevallen. Een oude belastingaanslag kan correct zijn en toch weinig zeggen over wat er nu iedere maand beschikbaar is.
Een aanpassing gebeurt niet simpelweg doordat er minder geld op de bankrekening staat. Het CAK gebruikt daarvoor eigen voorwaarden. Welke voorwaarden gelden, hangt onder meer af van de soort eigen bijdrage.
Begin bij de beschikking
Op de brief van het CAK staat of het om de lage of de hoge eigen bijdrage gaat. Die benamingen zijn categorieën binnen de regeling. Een rekening die iemand zelf als hoog ervaart, hoeft dus niet onder de officiële “hoge eigen bijdrage” te vallen.
Pak daarom eerst die beschikking erbij. Kijk naar het jaar, de regeling en de categorie. Daarmee voorkom je dat een voorwaarde voor een andere zorgbijdrage wordt gebruikt.
Ook de zorgpremie en het eigen risico van de zorgverzekering zijn andere posten. Een aanpassing door het CAK verandert die niet automatisch.
Voor de lage bijdrage geldt een concrete grens
Bij de lage eigen bijdrage kan herberekening mogelijk zijn als het relevante inkomen, inclusief het meetellende deel van het vermogen, in 2026 minstens €3.293,60 lager is dan in 2024.
Wie geen meetellend vermogen heeft, kan voor een eerste vergelijking het verwachte bruto jaarinkomen inclusief vakantiegeld op een rij zetten. Met vermogen wordt de berekening uitgebreider.
Een daling van het spaarsaldo mag daarbij niet zonder meer euro voor euro als inkomensdaling worden gebruikt. Het CAK hanteert daarvoor een berekeningswijze waarin slechts bepaalde onderdelen meetellen.
Reken met het hele jaar
Een veelgemaakte rekenfout ligt voor de hand: het huidige maandinkomen wordt met twaalf vermenigvuldigd, terwijl eerder in het jaar meer werd verdiend.
Stel dat iemand tot en met juni een hoger inkomen had en pas vanaf juli minder ontvangt. Dan bestaat het jaar uit twee verschillende perioden. Alleen twaalf keer het lagere bedrag nemen, levert een te lage inschatting op.
Maak daarom een tijdlijn. Noteer welke inkomsten al zijn ontvangen en welke nog worden verwacht. Houd jaarlijkse betalingen apart, zodat vakantiegeld niet wordt vergeten of dubbel wordt meegeteld.
Hetzelfde geldt voor het partnerinkomen wanneer dat voor de berekening relevant is. Eén lager inkomen betekent niet automatisch dat het gezamenlijke bedrag evenveel daalt.
Andere toets bij de hoge eigen bijdrage
Voor de hoge eigen bijdrage geldt een andere benadering. Het CAK kijkt onder meer naar wat iemand overhoudt na betaling van de eigen bijdrage en de standaardpremie voor de zorgverzekering.
Dat wordt vergeleken met de zak- en kleedgeldgrens. De grens van €3.293,60 voor de lage bijdrage kan dus niet als algemene regel worden gebruikt.
Voor de eigen bijdrage over 2026 kan een aanpassing worden aangevraagd tot 1 mei 2027. De mogelijkheid ontstaat zodra de beschikking is ontvangen; wachten tot het einde van het jaar is daarvoor niet nodig.
Een voorlopige verlaging wordt later gecontroleerd
Blijkt te veel betaald, dan volgt terugbetaling. Blijkt te weinig betaald, dan kan alsnog een bedrag verschuldigd zijn. Een zorgvuldige schatting voorkomt dat de maandrekening tijdelijk daalt maar later een nieuwe rekening verschijnt.
Bewaar daarom de berekening waarmee het verzoek is onderbouwd. Als het inkomen later verandert, is dan terug te vinden welke uitgangspunten eerder zijn gebruikt.
Voor iemand die hulp krijgt bij de administratie is één gezamenlijke map praktisch: de beschikking, het verzoek, de inkomensstukken en de beslissing. Zo kan een familielid of ondersteuner verder zonder het hele verhaal opnieuw te reconstrueren.
De kern van de controle is eenvoudig: weerspiegelt het gebruikte inkomen nog de huidige situatie? Als het antwoord nee is, biedt het CAK een route om dat verschil te laten beoordelen.
Source: https://www.dagelijksestandaard.nl/economie/cak-eigen-bijdrage-2026-inkomen-2024-verlagen
.

