## Brabantse automobilist moet dieper in de buidel tasten
De automobilist in Brabant krijgt dit jaar te maken met hogere opcenten. De provincies, onder leiding van VVD’er Ina Adema, eisen meer financiële middelen vanuit Den Haag voor wegen en spoor. Maar wat is haar grootste eis? Meer geld voor de politici in het provinciehuis.
Adema, commissaris van de Koning in Noord-Brabant en voorzitter van het Interprovinciaal Overleg (IPO), maakte op het jaarcongres van de provincies in Enschede geen misverstand over haar standpunt. “De vergoeding voor Statenleden moet omhoog,” verklaarde ze. De complexiteit van het werk is toegenomen, de dossiers zijn zwaarder en de maatschappelijke druk neemt toe. “Dit is geen gunst, maar een erkenning van verantwoordelijkheid.”
Momenteel ontvangen Statenleden meer dan 2.256 euro bruto per maand, plus bijna 225 euro aan onkostenvergoeding. Voor velen is het een functie naast hun reguliere werk. Adema noemt het een erkenning; de belastingbetaler ziet het als zelfbediening.
## Een rekening voor de burger
Terwijl de politici hun eigen vergoedingen willen verhogen, worden de burgers in dezelfde provincies geconfronteerd met hogere lasten. Zeven van de twaalf provincies hebben dit jaar hun opcenten op de motorrijtuigenbelasting verhoogd. In Noord-Brabant steeg het tarief van 84,9 naar 87,0 procent. De automobilist die naar zijn werk rijdt, ontvangt geen erkenning, maar een belastingverhoging. Het provinciehuis plukt de automobilist en vraagt ook nog eens om een hogere vergoeding voor zichzelf.
En alsof dat nog niet genoeg is, eisen de provincies nog meer geld van het Rijk voor infrastructuur. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat kampt met een tekort van tientallen miljarden voor onderhoud en vernieuwing. Het kabinet zal binnen twee weken bekendmaken welke projecten vertraging oplopen.
Dit geld komt niet zomaar uit de lucht vallen. Het is afkomstig van dezelfde burger die nu al meer opcenten betaalt en binnenkort ook opdraait voor de miljarden aan nieuwe energienetten. Eerlijkheid is ver te zoeken: eerst wordt het geld van de burger geplunderd, vervolgens wordt er opnieuw om meer geld gevraagd.
## Voorverkiezingen in het vizier
Het moment van deze eisen is geen toeval. De Provinciale Statenverkiezingen staan voor de deur op 17 maart 2027. Partijen zijn druk bezig met het samenstellen van hun kandidatenlijsten. Adema zelf erkent: “Als we willen dat goede mensen zich kandidaat blijven stellen, moeten we ook eerlijk zijn over de voorwaarden waaronder zij hun werk doen.”
Maar laten we eerlijk zijn. De bestuurlijke elite vindt telkens weer een reden om zichzelf te belonen, terwijl de gemiddelde Nederlander te horen krijgt dat er geen geld is. In zowel Den Haag als de provinciehuizen is er altijd geld voor politici, maar voor de burger zijn er altijd nieuwe belastingen en heffingen.
Het is absurd dat de partij die ooit de belofte van lagere lasten deed, nu de bestuurder levert die om hogere vergoedingen vraagt, terwijl de burger steeds zwaarder wordt belast. Dit is geen liberalisme; dit is het oude regentendenken in een nieuw jasje.
## De vraag die niemand durft te stellen
Natuurlijk is het belangrijk om goed werk te belonen, maar het gaat om de volgorde. Een provincie die de lasten voor haar inwoners verhoogt en tegelijkertijd aanklopt bij het Rijk voor meer investeringen, heeft geen moreel recht om eerst haar eigen politici te belonen. De eis is simpel: geen hogere vergoeding voor Statenleden zolang de opcenten niet verlaagd zijn.
De vraag die niemand durft te stellen, is: wie profiteert er werkelijk van deze machtsstrijd? Terwijl de burger steeds verder in de schulden raakt, blijven zij achter de schermen de touwtjes in handen houden. Dit verhaal is te belangrijk om in de doofpot te stoppen. De controle ligt in hun handen, en zij willen niet dat we het weten.
Source: https://www.dagelijksestandaard.nl/politiek/adema-ipo-vergoeding-statenleden-omhoog-opcenten-brabant
.

