
RCP8.5 is geschrapt: wat het betekent — en wat het níét betekent
„The United Nations TOP Climate Committee just admitted that its own projections (RCP8.5) were WRONG! WRONG! WRONG!” – Donald J. Trump, 16 mei 2026.
De ontwikkelaars van de emissiescenario’s voor het volgende grote IPCC-rapport (AR7) hebben officieel afscheid genomen van RCP8.5. Dat was jarenlang het beruchte hoog-emissiescenario dat als het standaard “business-as-usual”-plaatje werd gebruikt (Van Vuuren et al. 2026).
Wij van CERES waren in 2020 een van de eersten die in een peer-reviewed artikel fel kritiek leverden op het gebruik van RCP8.5 (Connolly et al. 2020). We verwelkomen deze beslissing dan ook van harte. Toch is het verhaal genuanceerder dan president Trumps triomfantelijke “FOUT! FOUT! FOUT!” doet vermoeden. Minder spectaculair, maar wetenschappelijk wel degelijk relevant.
Het schrappen van RCP8.5 is een stap in de goede richting. Maar het IPCC blijft sterk leunen op computermodellen die extreem gevoelig zijn voor veranderingen in broeikasgasconcentraties. Daardoor worden de nieuwe “business-as-usual”-projecties misschien iets minder extreem, maar het risico op “alarm-as-usual” blijft groot.
In dit essay leggen we uit wat RCP8.5 precies inhield, waarom het vanaf het begin problematisch was, en wat deze wijziging werkelijk betekent.
Wat is RCP8.5 precies en waarom was het zo significant?
Volgens de huidige klimaatmodellen wordt klimaatverandering vooral gedreven door de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer. De meeste van die gassen komen van nature voor, maar menselijke activiteiten zoals energieverbruik en landbouw stoten er extra van uit. Daarom houden de VN en veel modelbouwers er al decennia aan vast dat wij verantwoordelijk zijn voor “antropogene opwarming” (AGW) – een deftig woord voor door de mens veroorzaakte opwarming.
Al meer dan dertig jaar definieert de VN via het Klimaatverdrag (UN FCCC) vrijwel alle klimaatverandering per definitie als menselijk, zoals dr. Roger Pielke Jr. in 2005 in een belangrijk artikel aangaf (Pielke Jr., 2005). Dat gebeurt telkens weer tijdens de jaarlijkse COP-toppen.
Dit brengt ons bij de zogeheten RCP-scenario’s, voluit “Representative Concentration Pathways” (Meinshausen et al. 2011). Voor het vijfde Assessment Report van het IPCC kregen de bouwers van klimaatmodellen vier verschillende projecties mee. Die beschreven hoe broeikasgasemissies – en de daaruit voortvloeiende concentraties – er in de komende eeuwen uit zouden kunnen zien.
Elk scenario kreeg een nummer dat de theoretische extra “radiative forcing” aangaf: de extra hoeveelheid energie die volgens broeikasgasmodellen in het klimaatsysteem zou worden vastgehouden tegen het einde van de 21e eeuw. Dit wordt uitgedrukt in watt per vierkante meter. De vier waarden waren: 8,5, 6,0, 4,5 en 2,6 W/m².
In sectie 5.3 van ons artikel Connolly et al. (2020) gaan we dieper in op de wetenschappelijke waarde van deze theoretische radiative forcing-berekeningen voor ons begrip van het klimaat. Binnen de klimaatmodellengemeenschap is de grootte van dit uiteindelijke getal echter doorslaggevend voor hoeveel opwarming van de aarde de modellen voorspellen. Daarom werden de scenario’s eenvoudigweg naar dat getal vernoemd: RCP8.5, RCP6.0, RCP4.5 en RCP2.6.
Wanneer je de scenario’s goed bekijkt, gingen RCP2.6, RCP4.5 en RCP6.0 er allemaal van uit dat overheden stevig zouden ingrijpen om de uitstoot terug te dringen. RCP8.5 was het enige scenario zonder grote beleidsingrepen. Precies daarom werd het al snel het standaard “business-as usual”-scenario.
Dat had grote gevolgen: duizenden wetenschappelijke artikelen baseerden hun toekomstvoorspellingen op RCP8.5 en schilderden een beeld van wat er gebeurt “als we niks doen”. Dat scenario is nu geschrapt.
Waarom was RCP8.5 vanaf het begin onrealistisch en waarom verdwijnt het officieel?
Al in 2017 wezen economen Ritchie en Dowlatabadi erop dat RCP8.5 uitging van een absurd sterke toename van steenkoolgebruik — zoveel dat er meer dan vijf keer de bekende mondiale reserves zouden worden verbrand. Ze noemden het “uitzonderlijk onwaarschijnlijk”. Prof. Ritchie kreeg bijval van anderen, waaronder prof. Pielke Jr., (R. A. Jr. Pielke en Ritchie 2021; Burgess et al. 2020).
Andere critici, zoals Hausfather en Peters (2020), vonden het scenario onrealistisch omdat overheden juist aan het vergroenen waren. Het recente besluit van het IPCC lijkt vooral op die argumenten gebaseerd te zijn : “de hoge emissieniveaus van CMIP6 (gekwantificeerd door SSP5-8.5) zijn onwaarschijnlijk geworden, gebaseerd op trends in de kosten van hernieuwbare energie, de opkomst van klimaatbeleid en recente emissietrends” – Van Vuuren et al. (2026), hoewel ze ook de kritiek van Ritchie & Dowlatabadi als een belangrijke factor noemden.
Onze kritiek in 2020 kwam vanuit een andere hoek. Wij stelden een fundamentelere vraag:
Wat was ons doel met de publicatie Connolly et al. (2020)?
Na de Parijse klimaattop van 2015 beloofden alle landen de opwarming “ruim onder 2 °C” te houden, liefst 1,5 °C. Maar wat betekende dat concreet? Welke maatregelen waren daarvoor nodig? Hoeveel opwarming verwachten we zonder ingrijpen? En wat is eigenlijk “pre-industrieel”? De aarde heeft immers door de eeuwen heen warme en koude periodes gekend.
Wij stelden daarom de kernvraag: Hoeveel door de mens veroorzaakte opwarming moeten we verwachten als we gewoon op de huidige koers doorgaan (business-as-usual)? (Connolly et al. (2020) Die vraag bleek af te hangen van vier deelvragen:
- Hoeveel broeikasgassen stoten we uit bij ongewijzigd beleid?
- Hoeveel daarvan blijft in de atmosfeer?
- Hoe groot is het menselijke aandeel in de opwarming die we al zien?
- Hoe gevoelig is het klimaat eigenlijk voor extra broeikasgassen?
In een uitgebreid, methodisch artikel gingen we al die vragen systematisch na, op basis van beschikbare data en verschillende wetenschappelijke visies. Vervolgens stelden we een ‘best guess’ samen van wat we konden verwachten als trends “business-as-usual” zouden doorgaan, dus gebaseerd op huidige trends.
We waarschuwden echter meteen dat dit een typisch multidisciplinair probleem is. Bij elk van de vier vragen woedt een stevige discussie in de wetenschappelijke literatuur. Het opvallende is dat de relevante studies voor elke vraag uit heel verschillende academische disciplines komen.
De eerste vraag – over toekomstige emissies – wordt vooral behandeld door economen, politicologen en onderzoekers op het gebied van milieubeheer. De tweede vraag – hoeveel van die gassen in de atmosfeer blijven – is het domein van biologen, ecologen, geochemici en oceanografen. De derde en vierde vraag vallen onder de klimaatwetenschap, maar ook daar lopen de stromingen sterk uiteen: van computermodellengroepen tot teams die klimaatarchieven reconstrueren en statistici die meta-analyses uitvoeren.
Wij stellen dan ook dat het onwaarschijnlijk is dat we werkelijk bevredigende antwoorden krijgen op de centrale vraag – “Hoeveel door de mens veroorzaakte opwarming van de aarde moeten we verwachten bij Business-As-Usual klimaatbeleid?” – als het wetenschappelijke debat over al deze vier aspecten niet tegelijkertijd wordt meegenomen. Connolly et al. (2020), p3.
Q1. Hoeveel broeikasgassen zullen we uitstoten als we de huidige trends voortzetten?
We zagen hierboven dat veel van het debat over RCP8.5 zich richtte op hoe beleid in de toekomst wel of niet zou kunnen veranderen. In plaats van te speculeren over ingewikkelde potentiële “scenario’s” over “wat als” en “wat als niet” kozen we voor een eenvoudige benadering: kijk naar de emissietrends van de afgelopen 50-70 jaar en trek die door.
Wat gebeurt er wanneer we dit business-as-usual -emissiescenario (grijze envelop met zwarte stippellijn in de grafieken hieronder) vergelijken met de RCP-scenario’s? Voor de eenvoud kijken we alleen naar CO₂-emissies (in het artikel behandelen we ook de andere twee belangrijkste antropogene broeikasgassen, CH₄ en N₂O).
Zodra we de grafiek hieronder plotten, was het duidelijk dat het RCP8.5-scenario nooit “business-as-usual” was. Merk op hoe het RCP8.5-scenario snel boven de werkelijke business-as-usual -envelop uitkomt en daarboven blijft.
Source: https://clintel.nl/rcp8-5-is-geschrapt-wat-betekent-dat/
.
