Op Virusvaria zagen we vorige week dat in 2025 opnieuw bij vrouwen tussen 30 en 50 jaar de grootste oversterfte optreedt. In 2024 was binnen deze groep de oversterfte het hoogst bij de subgroep 40-50, in 2025 was dat bij de jongere subgroep 30-40. In de comments werd de vraag gesteld, of wellicht de toename van het aantal migranten invloed heeft op de oversterfte van de gehele groep. Dat gaan we in onderstaand artikel bekijken.
Methode
We maken gebruik van exponentiële regressie per 100.000 van de groep met als basis de periode 2010-2019. Kenmerk van deze methode is dat de verwachte sterfte in de tijd jaarlijks met een bepaald vast percentage verandert. Voordeel van deze methode is dat de sterfte in de toekomst altijd groter dan 0 blijft. CBS geeft voor de totale sterfte de aantallen overledenen per leeftijd aan, wil je deze getallen uitsplitsen naar migratieachtergrond, dan is de smalste leeftijdsgroep die CBS onderscheidt vijf jaar. De praktijk wijst echter uit dat bij gebruik van vijfjaarsgroepen de baseline nauwelijks verschilt van degene die je krijgt als éénjaarsgroepen worden gebruikt. Voor 2025 heeft CBS de aantallen overledenen per achtergrond nog niet gepubliceerd, we kijken dus t/m 2024.
We hebben allereerst de aparte baselines en dus de oversterfte bepaald voor mensen met een migratie-achtergrond en mensen met een Nederlandse achtergrond. Tenslotte hebben we deze gesommeerd om de totalen te verkrijgen, en gelukkig, deze komen vrijwel overeen met de totaalplaatjes uit het eerdere artikel op Virusvaria. We maken binnen de groep 30-50 onderscheid in de subgroepen 30-40 en 40-50.
Tenslotte nog een belangrijk punt om in gedachten te houden. Het bepalen van de oversterfte is geen exacte wetenschap. Toeval kan een belangrijke rol spelen, niet alleen bij de bepaling van de baseline maar ook bij de berekening van de oversterfte. Er is dus altijd enige onzekerheid. De invloed van toeval neemt toe naarmate de verwachte aantallen overledenen in een groep kleiner worden. Dat zullen we ook in de grafieken gaan zien. Eerst de grafieken met de absolute cijfers. Omdat die geïnterpreteerd moeten worden tegen een sneller groeiende groep met migratie-achtergrond (met een daardoor stijgende baseline), staan onderaan het artikel ook de grafieken met de relatieve sterfte per groep.
Resultaten
Vrouwen 30-40 jaar
Zes grafieken worden getoond, drie voor elke leeftijdsgroep. We beginnen met de groep van 30 tot 40-jarige vrouwen met een migratie-achtergrond:
Vrouwen 30-40, Migratie-achtergrond

Dit is meteen al een goed voorbeeld waarbij toeval een behoorlijke rol speelt. In de periode 2010-2019 komen van jaar tot jaar grote fluctuaties voor. In de tijd loopt de baseline omhoog, hetgeen impliceert dat de groepsgrootte toeneemt. Er is bij gebruik van deze baseline zeker oversterfte vanaf het begin van de coronaperiode, maar deze blijft binnen de perken.
Vrouwen 30-40, NL-achtergrond


De sterfte tot 2019 laat een daling zien t/m 2014, gevolgd door een korte stijging t/m 2016 en daarna weer een daling. Er is t/m 2019 minder spreiding dan in de eerste grafiek. Op basis van deze baseline is de oversterfte in deze groep groter, zowel absoluut als in procentuele zin.
Samengevoegd leidt dat tot volgende grafiek:
Vrouwen 30-40, Totaal


De vorm van de tweede grafiek komt duidelijk terug in de totaalgrafiek. Binnen deze subgroep zorgen de mensen met Nederlandse achtergrond voor de belangrijkste bijdrage aan de oversterfte.
Vrouwen 40-50 jaar
Zou dat bij de leeftijdsgroep 40-50 anders zijn? We kijken eerst weer naar mensen met een migratie-achtergrond:
Vrouwen 40-50, Migratie-achtergrond


Ook hier speelt vanwege de groepsgrootte toeval weer een significante rol. We zien in 2011 (en in mindere mate in 2010) een hogere sterfte dan in de andere jaren t/m 2019. Dit zorgt er wél voor dat de baseline steiler loopt dan wanneer deze pieken er niet waren geweest. Dan zou de verwachte sterfte ongeveer 280 bedragen door de tijd heen, met wellicht een kleine stijging vanaf 2022. Maar zelfs als je dat als baseline gebruikt blijft de oversterfte significant aanwezig vanaf 2020.
Vrouwen 40-50, NL-achtergrond


Hier springt 2012 eruit met een duidelijk hoger dan verwachte waarde. De waarden na 2012 t/m 2019 liggen daarentegen nabij de baseline. De oversterfte lijkt niet zo groot, maar dat komt ook doordat het verschil tussen de maximale en minimale waarde van de sterfte erg groot is. Dat zie je ook terug in de baseline, tussen 2010 en 2022 halveert de verwachte sterfte.
Als we de twee subgroepen samen nemen krijgen we onderstaande grafiek:


De hellingshoek van de baseline is iets minder steil, van 2010 t/m 2024 zien we bijna een halvering van de verwachte sterfte, dat was in de vorige grafiek al rond 2022.
Door de oversterfte bij mensen met een migratie-achtergrond erbij te nemen ontstaat zowel absoluut als procentueel een hogere oversterfte.
In tegenstelling tot bij de groep 30-40 is bij de groep 40-50 de oversterfte onder vrouwen met een migratie-achtergrond duidelijk groter. Echter ook bij vrouwen zonder migratie-achtergrond is de oversterfte aanzienlijk, en dat laatste geldt voor beide subgroepen.
Komt de oversterfte bij jonge vrouwen door migratie? Nee, maar migratie levert voor de groep 40-50 procentueel de grootste bijdrage. Nader onderzoek zal moeten uitwijzen wat de oorzaken zijn.

