
Ik heb zelf een immigratieachtergrond, en misschien daarom stoort het me nog meer. Stel je voor dat iemand tegen me zegt: Gefeliciteerd meneer Mashadi, u bent aangenomen, want we hadden toevallig iemand uit het Midden-Oosten nodig. Hoe moet ik dat uitleggen aan mezelf? Heb ik net een baan gekregen of ben ik opgenomen in een soort bedrijfskunstcollectie? De diversiteitshoek in de hal, waar ik dan tussen de plantenbak en de tafeltennistafel mag staan. Als ik een trofee had willen zijn had ik wel meegedaan aan een sport, niet aan sollicitatiegesprekken.
Ik wil aangenomen worden omdat ik iets kan. Omdat ik weet hoe ik resultaten behaal. Omdat iemand vertrouwen heeft in mijn werk in plaats van in mijn achtergrond. Ik wil niet gezien worden als een bonuspunt op een diversiteitsposter waar een HR-manager trots mee kan zwaaien. En eerlijk gezegd voelt het allesbehalve verrijkend wanneer iemand je kwaliteiten overslaat en direct jouw afkomst als eerste filter gebruikt. Alsof je een product in een supermarkt bent en iemand denkt: Oh handig, deze past precies in het vakje dat we nog moesten vullen.
Misschien wordt het tijd om iets écht radicaals te doen: mensen beoordelen op wat ze kunnen. Niet op hun kleur. Niet op hun afkomst. Niet op hun geslacht. Gewoon op kwaliteit. Ja, ik begrijp dat dit een schokkend idee is in een tijd waarin emotie het vaak wint van logica.
Maar goed. Wat weet ik ervan. Ik ben slechts iemand die liever wordt gekozen omdat hij iets kan, en niet omdat hij toevallig het juiste etiket draagt dat die week populair is.
.

