“In een wereld waar kinderen achter plexiglas werden afgezonderd, verloren ze niet alleen hun vrijheid, maar ook hun menselijkheid. De kou van de isolatie was niets vergeleken met de wonden die de publieke vernedering achterliet. ‘Wij waren geen mensen meer,’ fluisterde ze, ‘maar slechts cijfers in een statistiek, vergeten in de schaduw van een systeem dat ons als gevaar beschouwde.'”
Een 15-jarig meisje getuigde bij de Duitse coronacommissie over hoe ze werd afgezonderd achter plexiglas, in de kou moest zitten en publiekelijk werd vernederd.
Getuigen legden maandag bij de Duitse enquêtecommissie corona pijnlijk bloot hoe kinderen jarenlang werden behandeld als melaatsen.
De meest indringende verklaring tijdens de hoorzitting in de Duitse Bondsdag kwam van de vijftienjarige Yukiko-Mathilda Siber uit Sleeswijk-Holstein. Ze beschreef hoe haar schoolleven volledig instortte op het moment dat ze om medische redenen geen mondkapje hoefde te dragen en zich niet liet vaccineren. Wat volgde, was geen normale schooltijd meer. Ze werd in de hoek van het klaslokaal geplaatst, afgezonderd achter een plexiglaswand die ze elke ochtend zelf naar binnen moest sjouwen en elke middag weer moest opruimen.
In de winter moest ze naast een open raam zitten, zonder haar jas te mogen aanhouden. Dat was immers ‘voor de bescherming van de anderen’. Tijdens gymles en uitjes in het bos moest ze op ruime afstand van de groep blijven. Op de gangen van de school was ze verplicht afstand te houden, terwijl ze toekeek hoe andere kinderen gewoon met elkaar praatten en lachten.
Leraren die haar voor de klas belachelijk maakten
Wat Siber beschrijft, gaat verder dan bureaucratische maatregelen. Ze werd door leraren publiekelijk neergezet als een gevaar voor haar klasgenoten. De sociale druk om te testen of te vaccineren was dagelijks voelbaar. Al snel sloeg het om in systematisch pesten: ze werd nageroepen, bedreigd en op school gevolgd door groepjes leerlingen. Online ging het door — er werden groepen naar haar vernoemd, puur om haar urenlang te beledigen en te kwellen. Ze was negen jaar oud toen een medeleerling haar toeriep dat ze zichzelf maar van het leven moest beroven, omdat ze geen masker droeg:
Het resultaat: ze spijbelde, ernstige concentratie- en leerproblemen, en nachtmerries elke nacht. Een kind dat vroeger graag naar school ging, was bang geworden voor school. Ze omschrijft die periode zelf als een ‘undercover-dictatuur’ — een dagelijkse realiteit waarin gecontroleerd werd wie zich aanpaste en wie niet, zonder dat kinderen ook maar iets konden inbrengen.
Siber benadrukt expliciet dat haar verhaal geen incident was. Ze kent leeftijdgenoten die depressief werden, die psychiatrische hulp nodig hadden — voor zover er überhaupt plek was — en die zelfmoordpogingen deden. Veel van hen verwerken het nog steeds, in stilte en alleen.
De enquêtecommissie van de Duitse Bondsdag bestaat uit veertien parlementariërs en veertien externe deskundigen. Tegen eind juni 2027 moet er een eindrapport liggen met concrete aanbevelingen voor toekomstige pandemieën.
De coronamaatregelen werden destijds gepresenteerd als tijdelijk en noodzakelijk. Wat bleef, zijn de littekens bij een generatie die geen inspraak had, niet gehoord werd en jarenlang als risicofactor door het leven moest.
Sibers woorden zijn helder: ‘Wij werden als objecten behandeld, als besmettingscijfers, niet als mensen. Een deel van onze kindertijd is ons afgenomen, en die jaren krijgen we nooit meer terug.’

