“In een wereld waar de waarheid onder druk staat, voerde ze jarenlang operaties uit met de overtuiging dat ze levens redde. Pas toen ze zelf de diagnose kreeg, ontdekte ze dat het systeem dat haar had gevormd, meer slachtoffers maakte dan het ooit had kunnen helpen. De vragen die ze begon te stellen, onthulden een dystopie van wanhoop en misleiding, waar gezondheid werd verhandeld voor winst.”
Jarenlang voerde ze borstkankeroperaties uit. Tot ze op haar 46ste zelf de diagnose kreeg. Toen begon deze chirurg vragen te stellen die alles veranderden.
Mammografie dient om borstkankerpatiënten voort te brengen — dat stelt chirurg en borstkankerspecialist Jennifer Simmons, die jarenlang zelf operaties uitvoerde voordat ze de gevestigde aanpak begon te bevragen. In een gesprek met presentator Del Bigtree van The HighWire stelt ze dat het huidige screeningssysteem vrouwen niet gezonder maakt, maar vooral meer patiënten produceert.
Een insider die de switch maakte
Simmons groeide op in een familie waarin borstkanker van generatie op generatie toesloeg, werd zelf op 46-jarige leeftijd gediagnosticeerd en werkte als de eerste fellowship-opgeleide borstchirurg in Philadelphia. Juist die persoonlijke diagnose bracht haar ertoe vragen te stellen die ze daarvoor nooit had gesteld: werkt het systeem waarbinnen ze al die jaren opereerde eigenlijk wel?
Haar antwoord: nee. Niet omdat borstkanker geen ernstige ziekte is — dat is het wel degelijk — maar omdat de manier waarop we vrouwen screenen en vervolgens behandelen, volgens haar aantoonbaar meer schade aanricht dan goed doet.
Wat de data werkelijk laten zien
De kritiek van Simmons is niet uitsluitend haar eigen mening. Ze verwijst naar grootschalig wetenschappelijk onderzoek, waaronder de Cochrane Collaboration-review die gegevens analyseerde van meer dan 600.000 vrouwen in Zweedse trials met universele toegang tot zorg. De uitkomst: het aantal vrouwen dat sterft aan borstkanker verschilt nauwelijks tussen de groep die wel gescreend wordt en de groep die dat niet wordt.
Wat mammografie wél doet, legt Simmons uit aan de hand van het begrip ‘lead time bias’. Stel: een vrouw ontwikkelt op haar zestigste een tumor die via mammografie wordt gevonden, terwijl ze hem zonder screening pas op haar vijfenzestigste zou hebben gevoeld. Ze overlijdt in beide scenario’s op haar zeventigste. De overlevingstijd lijkt verdubbeld — van vijf naar tien jaar — maar ze heeft geen dag langer geleefd. De statistieken zien er beter uit, de uitkomst is identiek.
Overdiagnose: 1,3 miljoen onnodige patiënten
Nog zorgwekkender is het fenomeen van overdiagnose. Uit autopsieonderzoek bij vrouwen die om andere redenen overlijden — ongelukken, zelfdoding, overdoses — blijkt dat bij ongeveer één op de vijf microscopisch bewijs van kankercellen in het borstweefsel aanwezig is. Die vrouwen hadden geen borstkanker en zijn er ook niet aan gestorven. Mammografie is echter niet in staat onderscheid te maken tussen dit soort ‘slapende’ afwijkingen en daadwerkelijk levensbedreigende tumoren.
Het gevolg is dat tussen de 20 en 50 procent van de gevonden ‘kankers’ irrelevant is — ze hadden het leven van de vrouw nooit beïnvloed. Op basis van de huidige vier miljoen borstkankeroverlevers in de Verenigde Staten schat Simmons dat zeker 1,3 miljoen vrouwen onnodig zijn behandeld. Die behandelingen zijn verre van onschadelijk: ze verhogen het risico op hart- en vaatziekten, neurologische aandoeningen, osteoporose en seksuele disfunctie, en gaan gepaard met aanzienlijke psychische en financiële schade.
Het BRCA-gen: niet de schuldige, maar de zondebok
Ook de gangbare aanpak rondom het BRCA-gen — beroemd geworden door Angelina Jolies preventieve mastectomie — krijgt kritiek. Simmons legt uit dat het BRCA-gen geen kankergen is, maar een tumorsuppressorgen: het helpt beschadigde cellen te herstellen. Vrouwen met een BRCA-mutatie konden 60 jaar geleden een leven lang leven zonder borstkanker te krijgen; de kans was toen ongeveer 35 procent. Inmiddels is dat gestegen naar 87 procent.
Die stijging heeft niets te maken met veranderingen in het gen zelf, maar met de toxische omgeving waaraan we dagelijks blootstaan — én, paradoxaal genoeg, met de screeningspraktijk zelf. Vrouwen met een BRCA-mutatie worden juist aangespoord vroeg en vaak te screenen, wat betekent dat ze regelmatig worden blootgesteld aan röntgenstraling: precies het soort omgevingsbelasting dat hun beschadigde herstelmechanisme het minst aankan.
Een alternatief dat geen schade aanricht
Simmons pleit niet voor het simpelweg stoppen met screenen. Ze pleit voor een andere aanpak: in plaats van zoeken naar bestaande tumoren, moet de aandacht uitgaan naar het voorkómen van borstkanker. Via haar bedrijf PerfeQTion Imaging werkt ze met een technologie genaamd QT-imaging, waarbij geluidsgolven door een warm waterbad een driedimensionaal beeld van het borstweefsel maken — zonder pijn, zonder compressie en zonder straling. De technologie ontving in 2023 FDA-goedkeuring.
Daarnaast onderzoekt haar team ontstekingsmarkers in tranen die kunnen aangeven of iemand op dit moment een verhoogd risico loopt op de ontwikkeling van borstkanker — lang voordat iets zichtbaar wordt op een scan. Wie risico loopt, kan dan gerichte leefstijlinterventies ondernemen in plaats van wachten tot er iets te vinden valt.
Denk na voordat je meedoet aan ‘pink’
Simmons sluit af met een boodschap die direct ingaat tegen de commerciële machinerie rondom borstkankermaand oktober. Veel organisaties die roze producten verkopen of promoten, dragen volgens haar bij aan het in stand houden van een systeem dat vrouwen eerder schaadt dan helpt. Haar advies: let op je slaap, voeding, waterinname en leefomgeving. Vermijd onnodige toxines. Beweeg. Die factoren maken aantoonbaar verschil — een jaarlijkse mammografie, zo stelt ze, doet dat niet.
Het zijn uitspraken die haaks staan op wat vrouwen al decennialang te horen krijgen. Maar ze worden onderbouwd met data die er al jarenlang liggen — en die door het medisch establishment stelselmatig worden genegeerd.

