Het faillissement van energiebedrijf EnergieFlex is het gevolg van ‘onbehoorlijk bestuur’, concludeert de curator in het vandaag gepubliceerde faillissementsverslag. Met die kwalificatie kunnen de voormalige bestuurders persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor de verliezen. Daarnaast blijkt uit het verslag dat de Consumentenbond een miljoen euro aan het bedrijf verdiende.

In oktober 2018 ging EnergieFlex failliet. Enkele weken later reconstrueerde Follow the Money hoe een extreem riskante inkoopstrategie, administratieve chaos en twee eigenaren die honderdduizenden euro’s naar persoonlijke bv’s lieten overmaken, het energiebedrijf fataal werden. Meer dan 20.000 klanten – vaak mensen met een laag inkomen of schulden, omdat EnergieFlex zich expliciet op hen richtte – zagen miljoenen euro’s aan te veel betaalde voorschotten in rook op gaan. Een groot deel van die klanten was via de Consumentenbond bij EnergieFlex terechtgekomen.

Sindsdien heeft curator Jan-Willem van Andel van Wijn & Stael Advocaten gewerkt aan de afhandeling van het faillissement. Hij zocht een nieuwe energieleverancier voor de klanten van EnergieFlex, bracht de omvang van de verliezen in kaart en deed aan de hand van de interne administratie onderzoek naar de oorzaken van het faillissement.

Vandaag publiceerde hij zijn eindverslag. Het beeld dat hij van EnergieFlex schetst, leest als een parodie op een normaal bedrijf. Volgens Van Andel staat vast dat de eigenaren van het bedrijf, Siva Kandiah en Sathees Sampar, ‘gefaald hebben in de vervulling van essentiële bestuurstaken’. De manier waarop de bestuursleden via een kerstboom aan bv’s geld uit het bedrijf trokken, noemt hij ‘ernstig verwijtbaar’. Bovendien meent hij dat de Consumentenbond het aan EnergieFlex verdiende geld zou moeten terugbetalen.

Sinds de oprichting van EnergieFlex in 2014 is er volgens de curator sprake van een dramatische financiële ontwikkeling. Elk jaar werd meer verlies geleden dan het jaar ervoor. Dat het bedrijf niet veel eerder failliet ging, komt volgens de curator omdat het jarenlang ‘op de pof’ leefde van haar klanten en van de Belastingdienst.

Met andere woorden: EnergieFlex stond permanent op omvallen

In de vijf jaar van haar bestaan kon EnergieFlex nooit over een door een accountant goedgekeurde jaarrekening beschikken. Kandiah en Sampar legden hun jaarrekening wel aan een accountant voor, maar die stuurde ’m telkens terug met een oordeelonthouding: hij kon niet instaan voor de juistheid van de aangeleverde cijfers. Al in 2015 uitte de accountant twijfels over de ‘continuïteitsveronderstelling van de vennootschap’. Met andere woorden: EnergieFlex stond permanent op omvallen. Bij zijn beoordeling van de jaarrekeningen over 2016 en 2017 sprak de accountant telkens dezelfde zorg uit.

In 2017 deed ook de Autoriteit Consument en Markt (ACM) onderzoek naar EnergieFlex. Daaruit bleek onder meer dat EnergieFlex geen zicht had op de hoeveelheid energie die zij in- en verkocht.

Kandiah en Sampar stelden in 2017 recht te hebben op een belastingteruggaaf van 1,7 miljoen euro. Ze kaartten dat aan bij de Belastingdienst, die vervolgens zelf aan het rekenen sloeg. De conclusies zijn volgens curator Van Andel ‘vernietigend’: EnergieFlex had ruim 9 miljoen kubieke meter geleverd gas over het hoofd gezien, en moest daar nu alsnog 2,4 miljoen euro belasting over betalen. De Belastingdienst kreeg geld van EnergieFlex, in plaats van andersom.

EnergieFlex diende bij de Belastingdienst voorts vijfmaal een nulaangifte in, waarbij het bedrijf suggereerde dat zijn tienduizenden klanten in de voorgaande maand helemaal geen energie zouden hebben afgenomen. Dit is onmogelijk. Van Andel rekent uit dat EnergieFlex naar schatting ruim 2,7 miljoen euro niet heeft aangegeven. Hij schrijft: ‘Het betreft hier zonder twijfel bewust onjuiste aangiften.’ 

Ook ten aanzien van zijn klanten had EnergieFlex geen idee wat haar verplichtingen eigenlijk waren. Energieleveranciers werken volgens een ‘badkuipmodel’. Klanten betalen een vast bedrag per maand. In de warme lente- en zomermaanden betaal je meer dan je daadwerkelijk verbruikt en loopt de badkuip langzaam vol. In de koude herfst- en wintermaanden betaal je minder dan je daadwerkelijk verbruikt en loopt de badkuip langzaam leeg. In feite is een maandbedrag dus een voorschot: pas aan het einde van het jaar worden de de meterstanden opgenomen en volgt de eindafrekening.

Curator Van Andel

“Op geen moment in de jaren 2014-2017 had Flexenergie haar administratie op orde of had zij inzicht in haar werkelijke (belasting)schulden”

Vlak voor het faillissement in oktober 2018 wisten Kandiah en Sampar niet wat hun schuldpositie jegens hun klanten was. Tegenover de curator verklaarden zij dat het te veel betaalde bedrag ‘[kon] variëren tussen 2,2 miljoen en 10 miljoen euro’. Kortom, concludeert Van Andel: ‘een bandbreedte qua onzekerheid [..] van maar liefst 7,8 miljoen euro’. Fijntjes merkt hij daarbij op dat het balanstotaal van de onderneming op dat moment 7,2 miljoen euro bedroeg. De onzekerheidsmarge over het bedrag dat de klanten tegoed hebben van EnergieFlex, oversteeg zodoende de omvang van het hele bedrijf.

De curator concludeert: ‘Op geen moment in de jaren 2014-2017 had Flexenergie haar administratie op orde of had zij inzicht in haar werkelijke (belasting)schulden.’

Van Andel heeft ook het businessmodel geanalyseerd. Dat bestond in de basis uit het beloven van enorme welkomstkortingen, tot wel 280 euro per klant, om hen tot overstappen te verleiden. Het motto van Kandiah was ‘Gaan, gaan, gaan,’ vertelde een voormalig medewerker van Flexenergie aan de curator. ‘Groeien was echt prioriteit nummer 1.’

Het gevolg van de torenhoge kortingen: nieuwe klanten waren jarenlang een kostenpost. Pas als zij drie jaar of langer bleven, ontstond er een klein plusje. Alleen: nieuwe klanten gingen meestal na een jaar alweer weg. Volgens de curator leidde dit businessmodel onvermijdelijk tot miljoenenverliezen. ‘Het (grote) risico dat het misgaat wordt afgewenteld op de klanten die voorschotten betalen én [..] op de belastingdienst.’

Dan is er nog de zelfverrijking door de eigenaren. Kandiah en Sampar betaalden zichzelf flinke management fees uit, Sampar kreeg zelfs nog een vergoeding uitgekeerd nadat hij geen bestuurder van het bedrijf meer was. In totaal ontvingen zij ieder ruim een half miljoen aan managementvergoedingen, exclusief btw.

Dat was niet de enige manier waarop zij verdienden aan EnergieFlex. De eigenaren schoven ook bv’tjes in het bedrijfsmodel, met zichzelf als enig aandeelhouder. Zo ging FlexNet bv de inkoop van de energie doen, en verkocht die door aan EnergieFlex. Flexnet berekende een opslag als de inkoopprijs van de energieprijs boven een bepaald niveau lag, maar gaf geen korting als de inkoopprijs lager was. EnergieFlex maakte hierdoor ‘in het beste scenario een marge van nul. In alle andere scenario’s [leed] zij verlies. Nooit [kon] zij een winst maken met de verkoop van energie.’

Flexnet voegde in wezen dus niets toe, maar bouwde wel een eigen vermogen op van ruim 2,7 miljoen euro. Dat geld is rechtstreeks afkomstig van de voormalige klanten van EnergieFlex. Omdat Flexnet in tegenstelling tot EnergieFlex niet failliet is, menen Sampar en Kandiah het geld echter te kunnen houden.

De bv’s werden ‘ertussen geschoven’ zonder dat zij daadwerkelijk toegevoegde waarde leverden

 Hetzelfde gebeurde bij Green Four, een bv die het duo oprichtte om de ‘inkoop van ict’ te regelen. Ook deze bv is er volgens de curator ‘“tussengeschoven” zonder dat die daadwerkelijk toegevoegde waarde levert’. Uit Van Andels analyse blijkt dat Kandiah en Sampar via Green Four ict-diensten inkochten, de prijs ervan verdubbelden, en de boel vervolgens doorleverden aan EnergieFlex. Ook Green Four voegde volgens de curator niets toe. ‘Dat blijkt ook uit het feit dat zij geen personeel in dienst had.’

Een oud-medewerker zei tegen de curator: ‘Green Four deed niks. Het was gewoon een lege BV waar factuurtje in factuurtje uit gedaan werd.’ Zo bleef ruim zes ton in Green Four en de persoonlijke bv’ van Kandiah en Sampar hangen, wederom ten nadele van de klanten van EnergieFlex en de Belastingdienst. 

De curator concludeert dan ook dat het faillissement van EnergieFlex veroorzaakt is door ‘onbehoorlijk bestuur’. Sampar en Kandiah hadden volgens hem ‘een taakopvatting die geen redelijk handelend bestuurder in de gegeven omstandigheden had behoren te huldigen’.

Die woorden zijn niet toevallig gekozen. Bij een ‘normaal’ faillissement kunnen de bestuurders van een bv niet persoonlijk aansprakelijk worden gehouden. Een bedrijf kan omvallen, ook door een verkeerde beslissing van het bestuur. Van persoonlijke aansprakelijkheid kan pas sprake zijn ‘als geen redelijk denkend bestuurder – onder dezelfde omstandigheden – aldus gehandeld zou hebben,’ aldus de Hoge Raad in 2001.

Met zijn kwalificatie zet de curator de deur naar persoonlijke aansprakelijkheid van Sampar en Kandiah wagenwijd open. Zij zouden daarmee aansprakelijk zijn voor alle schulden die na de afwikkeling van het faillissement zijn blijven openstaan. In totaal gaat dat om 23 miljoen euro.

Daarnaast richt de curator zijn pijlen op de Consumentenbond. Een groot deel van de gedupeerde klanten kwam namelijk via hen bij EnergieFlex. 

De Consumentenbond organiseert jaarlijks het ‘Energiecollectief’: een overstapmoment waarbij mensen zich gezamenlijk bij een andere energieleverancier aanmelden. Dat levert die leverancier in één klap een boel nieuwe klanten op. Voor energiebedrijven is dat natuurlijk aantrekkelijk. Daarom organiseert de Consumentenbond op voorhand een veiling, waarbij geïnteresseerde energieleveranciers moeten melden tegen welke voorwaarden ze de Consumentenbond-overstappers van energie zullen voorzien. De bond zegt geïnteresseerde leveranciers daarbij aan een ‘uitgebreide screening’ te onderwerpen. In 2016 en 2017 won EnergieFlex die veiling, waarna de Consumentenbond tienduizenden nieuwe klanten naar het bedrijf van Kandiah en Sampar dirigeerde.

Curator Van Andel

“Hoe Flexenergie dan geslaagd kan zijn voor die toets van de Consumentenbond, is de curator een raadsel”

Curator Van Andel vraagt zich af waar die uitgebreide screening eigenlijk uit bestond. Toen de Consumentenbond in de zomer van 2017 zijn leden aanspoorde om naar EnergieFlex over te stappen, waren veel van de hierboven genoemde problemen bij het bedrijf al ruimschoots bekend. De curator somt op dat EnergieFlex ‘(i) nog nooit een goedkeurende accountantsverklaring had kunnen krijgen, (ii) louter verliezen had geleden, (iii) haar interne beheersingsmaatregelen niet op orde had [..] en (iv) met een zwaar negatief werkkapitaal kampte’.

Uit het faillissementsverslag: ‘Hoe Flexenergie dan geslaagd kan zijn voor die toets van de Consumentenbond, is de curator een raadsel.’

Daar kwam bij dat EnergieFlex juist door de veiling van de Consumentenbond te winnen, verder in de penarie kwam. EnergieFlex moest per overstapper een vergoeding aan de Consumentenbond betalen: dat is het verdienmodel van de bond, en de achterliggende reden waarom die de actie organiseert. Volgens een oud-directeur van EnergieFlex bedroeg die vergoeding in 2016 tientallen euro’s per overstapper. Deze torenhoge vergoeding maakt het EnergieFlex nagenoeg onmogelijk om nog iets aan haar nieuwe klanten te verdienen. De toch al zwakke business case werd door de Consumentenbond nog verder uitgehold.

Curator Van Andel becijfert dat de Consumentenbond in totaal ongeveer een miljoen euro aan de overstappers verdiende. De overstappers zelf zitten echter met een strop: nadat EnergieFlex omviel, kregen ze hun teveel betaalde voorschotten niet terug. De curator vindt daarom dat de Consumentenbond het aan de Energieflex-overstappers verdiende miljoen zou moeten terugbetalen.

De Consumentenbond zegt geen geld te willen terugbetalen: ‘De curator stelt dat de bestuurders van Flexenergie primair verantwoordelijk zijn voor het faillissement en de daaruit volgende schade. Wij zien eerlijk gezegd dan ook niet hoe hij vervolgens komt tot het voorstel dat de Consumentenbond geld terug zou moeten betalen aan de boedel. Een dergelijke suggestie past niet bij de taken van een curator. Dit statement lijkt puur bedoeld om te scoren bij gedupeerden, maar het klopt niet en we zijn het er niet mee eens.’

Tot slot draagt ook de Autoriteit Consument en Markt (ACM) volgens curator Van Andel schuld aan het faillissement. Energiebedrijven moeten daar een leveringsvergunning aanvragen, en in 2014 verstrekte de ACM er een aan EnergieFlex. Het bedrijf had toen een bestuur zonder enige ervaring in de energiemarkt, had geen enkele solvabiliteit of liquiditeit, terwijl bovendien een gezond en realistisch businessplan met voldoende aandacht voor risicobeheersing volgens de curator ontbrak. Ook hadden de bestuurders geen enkele ervaring met administratieve organisatie en interne controle (AO/IC).

Vervolgens heeft de ACM volgens de curator ‘ten onrechte geen actie ondernomen’ toen in 2014 bleek dat de accountant geen goedkeuring aan het jaarverslag wilde geven.

De ACM had volgens de curator in het voorjaar van 2017 moeten ingrijpen. Zij liet dit na, waardoor de schulden verder opliepen

Nadat klanten van EnergieFlex melding maakten van onregelmatigheden, deed de ACM in 2016 en 2017 wél onderzoek naar het bedrijf. De curator schrijft dat er toen al sprake was van een zeer slechte financiële situatie, een sterk verlieslatend businessmodel en een ‘deplorabele stand’ van de administratie, terwijl grote verliezen door de Belastingdienst en de voorschotten van klanten werden gefinancierd.

De ACM had dit kunnen weten en had volgens de curator daarom in het voorjaar van 2017 moeten ingrijpen. Zij liet dit echter na, waardoor de schulden van EnergieFlex verder opliepen. Had de ACM wel ingegrepen, dan had dat volgens de curator ongeveer 15 miljoen euro aan extra schulden gescheeld. 

De ACM zegt in een reactie toezicht te houden ‘op basis van de huidige wetgeving. Toen de energiemarkt vrij werd, heeft de politiek bewust gekozen om deze eisen voor toetreders niet te hoog te maken. Momenteel kijkt de wetgever of wij strenger mogen zijn bij het afgeven van een vergunning. En of wij strenger kunnen controleren en optreden bij partijen die al een vergunning hebben. Daarvoor moet de wetgever de wet veranderen.’

Reacties Cunsumentenbond en ACM

Reactie Consumentenbond

De curator stelt dat de bestuurders van Flexenergie primair verantwoordelijk zijn voor het faillissement en de daaruit volgende schade. Wij zien eerlijk gezegd dan ook niet hoe hij vervolgens komt tot het voorstel dat de Consumentenbond geld terug zou moeten betalen aan de boedel. Een dergelijke suggestie past niet bij de taken van een curator. Dit statement lijkt puur bedoeld om te scoren bij gedupeerden, maar het klopt niet en we zijn het er niet mee eens. [..]

Verder staan er in het rapport een aantal aannames die feitelijk niet kloppen en ongegronde insinuaties. De curator stelt dat de Consumentenbond wist of had kunnen weten dat Flexenergie in juni 2017 nog nooit een goedkeurende accountantsverklaring had kunnen krijgen. Dat is onjuist. Kleine bedrijven zoals EnergieFlex (met in 2014 en 2015 maximaal een tiental werknemers) hoeven strikt genomen geen goedkeuring van een externe accountant over de jaarrekening te verkrijgen. [..]

Voorts vertrouwen we op dit vlak ook op de rol van de toezichthouder: de ACM. Deze stelt immers aan bedrijven: ‘Om voor een vergunning in aanmerking te komen, moet u ervoor zorgen dat uw energielevering betrouwbaar is. Dit doet u door aan te tonen dat uw bedrijf beschikt over de benodigde organisatorische, financiële en technische kwaliteiten. Aan deze vergunningseisen moet u blijven voldoen.’

Het inzicht van de Consumentenbond op de interne beheersmaatregelen is zeer beperkt. Ook daarbij vertrouwen we op het toezicht. De Consumentenbond is geen toezichthouder.

Reactie Autoriteit Consument en Markt

De ACM heeft in deze casus onderzoek gedaan naar het bedrijf en verschillende maatregelen genomen. Op het moment dat vaststond dat de kwaliteit van de onderneming niet meer voldeed is de vergunning ingetrokken. De leveringszekerheid van klanten is niet in gevaar geweest. De ACM zal het definitieve rapport van de curator nog bestuderen en kijken welke leerpunten er voor de ACM in zitten.

In de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet is geregeld aan welke eisen een aanvrager moet voldoen om een vergunning van de ACM te krijgen. Deze eisen gaan over de benodigde organisatorische, financiële en technische kwaliteiten. De ACM toetst aan deze relevante wet- en regelgeving. Als een aanvrager aantoont te kunnen voldoen aan deze wettelijke criteria dan moet de ACM een vergunning geven. Ten tijde van de toetsing was dit het geval bij Flexenergie.[..] 

We houden toezicht op basis van de huidige wetgeving. Toen de energiemarkt vrij werd, heeft de politiek bewust gekozen om deze eisen voor toetreders niet te hoog te maken. Momenteel kijkt de wetgever of wij strenger mogen zijn bij het afgeven van een vergunning. En of wij strenger kunnen controleren en optreden bij partijen die al een vergunning hebben. Daarvoor moet de wetgever de wet veranderen. 

Lees verder Inklappen

Source: ftm.nl

Laat een bericht achter! Doe mee, wat vind u (jij) hiervan?

HNMDA UPDATE'S
!!! Blijf op de hoogte

! Meld je aan


.Meld je aan via mail

OF op telegram https://t.me/HNMDA_ALL


- S'morgens & S'avonds 1 nieuwsbrief met de nieuwste berichten
- Weekelijkse nieuwsbrief met alle headlines
- Soms een (verkeerd/ongewenst/test) mailtje, daar werken we aan...


...Anders hoor je het niet