• wo. apr 8th, 2026

Het Nieuws Maar Dan Anders,

Anders Hoor Je Het Niet!

Onderzoek van de National Institutes of Health laat zien dat krachtige pijnstilling mogelijk is zonder de gebruikelijke risico’s die het leven van patiënten beperken

De ontwikkeling van pijnmedicatie heeft lange tijd vastgezeten in een spanningsveld waarin verlichting en risico onlosmakelijk met elkaar verbonden waren. Dat maakt de recente bevindingen rond een nieuwe opioïde bijzonder relevant voor mensen die dagelijks met pijn leven of afhankelijk zijn van langdurige behandeling. In een studie gepubliceerd in Nature beschrijven onderzoekers een stof die sterke pijnstilling geeft, terwijl klassieke signalen van gevaar zoals ademhalingsonderdrukking, tolerantie en ernstige afhankelijkheid uitblijven in preklinische modellen.

De kern van deze ontdekking ligt in een hernieuwde blik op een oudere groep stoffen, de zogenoemde nitazenen. Deze verbindingen werden in de vorige eeuw opzijgeschoven vanwege hun extreme kracht, maar blijken bij nader onderzoek eigenschappen te hebben die opnieuw interessant worden wanneer ze anders worden toegepast. Door de werking te verfijnen en de intensiteit te beheersen, ontstaat een stof die gericht ingrijpt op de mu-opioïdreceptor zonder het systeem volledig te ontregelen.

Binnen dit onderzoek speelde een verbinding genaamd FNZ een belangrijke rol als uitgangspunt. Met behulp van PET-scans konden onderzoekers volgen hoe deze stof zich in de hersenen gedraagt. Daarbij viel op dat de aanwezigheid in het brein kort is, terwijl de pijnstillende werking veel langer aanhoudt. Dit leidde tot de identificatie van een afgeleide stof, DFNZ, die verantwoordelijk lijkt voor dit effect en zich onderscheidt door een uitzonderlijk farmacologisch profiel.

Wat deze ontwikkeling betekenisvol maakt, is de manier waarop DFNZ zich gedraagt in het lichaam. In tegenstelling tot klassieke opioïden vertraagt het de ademhaling niet, maar zorgt het voor een stabiele toename van zuurstof in de hersenen. Herhaalde toediening leidde in diermodellen niet tot de gebruikelijke opbouw van tolerantie of duidelijke ontwenningsverschijnselen. Tegelijk laat het onderzoek zien dat de stof wel een belonend effect heeft, maar zonder de sterke conditionering die vaak leidt tot dwangmatig gebruik.

Die balans hangt samen met de manier waarop dopamine vrijkomt in het brein. Waar traditionele opioïden scherpe pieken veroorzaken die gedrag sturen en cravings versterken, zorgt deze stof voor een meer geleidelijke afgifte. Dat verschil lijkt cruciaal in het verminderen van het risico op verslaving, terwijl de pijnstillende werking behouden blijft.

Voor mensen met chronische pijn, kankergerelateerde klachten of herstel na een operatie kan dit een verschuiving betekenen in wat behandeling inhoudt. Pijn hoeft dan minder vaak te worden afgezet tegen helderheid, ademhaling of controle over het eigen functioneren. Ook binnen de behandeling van opioïdgebruikstoornissen ontstaat een nieuw perspectief, omdat een middel dat verlichting biedt zonder dezelfde afhankelijkheidsmechanismen een andere benadering mogelijk maakt.

De onderzoekers zien toepassingen in meerdere richtingen, van acute pijnzorg tot langdurige therapieën. De volgende stappen richten zich op verdere preklinische studies en het voorbereiden van onderzoek bij mensen. Daarmee bevindt deze ontwikkeling zich nog in een vroege fase, maar de implicaties zijn duidelijk. Het onderzoek laat zien dat de grenzen van pijnbestrijding niet vastliggen, en dat nieuwe benaderingen het mogelijk maken om effectiviteit en veiligheid dichter bij elkaar te brengen.

Voor wie leeft met pijn betekent dit geen directe oplossing, maar wel een verschuiving in wat als haalbaar wordt gezien. De combinatie van krachtige werking en een gunstiger profiel opent een richting waarin behandeling minder wordt bepaald door beperkingen en meer door wat daadwerkelijk verlichting brengt.

Door Eveline

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *