“In een wereld waar de WHO de touwtjes in handen heeft, worden onze vrijheden langzaam maar zeker ingeperkt onder het mom van pandemievoorbereiding. Terwijl de schaduwen van toekomstige virussen zich samenpakken, worden we gedwongen te kiezen tussen veiligheid en autonomie. De vraag blijft: wie beslist er werkelijk over ons welzijn in deze dystopische realiteit?”
Nieuwe WHO-bijeenkomst over pandemievoorbereiding roept vragen op.
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft woensdag een internationale online sessie georganiseerd over pandemiebestrijding, met als centraal onderwerp het Pandemic Influenza Preparedness (PIP)-raamwerk.
Het PIP-systeem is een internationaal mechanisme waarmee de WHO bepaalt hoe griepvirusmonsters wereldwijd worden gedeeld en hoe vaccins, antivirale middelen en diagnostiek worden verdeeld zodra een grieppandemie wordt uitgeroepen, schrijft onafhankelijk journalist Jon Fleetwood hierover op Substack.
De geplande sessie, georganiseerd via het WHO-netwerk EPI-WIN, gaat over de manier waarop overheden, laboratoria binnen het WHO-surveillancenetwerk en farmaceutische bedrijven moeten handelen binnen dit raamwerk tijdens een pandemie.
Hij wijst erop dat de Verenigde Staten nog steeds deelnemen aan WHO-surveillancesystemen, waaronder CoViNet, ondanks een eerder aangekondigde terugtrekking uit de organisatie. Daarbij worden ook Amerikaanse instellingen zoals universiteiten en de CDC genoemd.
Het PIP-raamwerk werd in 2011 aangenomen door de Wereldgezondheidsvergadering na jaren van onderhandelingen tussen lidstaten.
Farmaceutische bedrijven die deelnemen aan het PIP-systeem krijgen toegang tot virusmateriaal in ruil voor het leveren van medische tegenmaatregelen zoals vaccins, medicijnen en diagnostische technologie.
Tijdens de COVID-19-pandemie werd de wereldwijde wetenschappelijke gemeenschap aangestuurd om te werken met een door China vrijgegeven genetische sequentie van SARS-CoV-2, zonder dat het oorspronkelijke materiaal overal onafhankelijk werd geverifieerd. Dit leidde tot wereldwijde ontwikkeling van tests en vaccins.
Fleetwood merkt op dat die vaccins in verband zijn gebracht met tienduizenden sterfgevallen. Hij verwijst daarbij naar beperkingen in meldsystemen voor bijwerkingen, waardoor het werkelijke aantal mogelijk aanzienlijk hoger ligt.
Dit toont hoe een WHO-geleid systeem wereldwijd snel wetenschappelijke consensus en beleidsreacties kan sturen die grote gevolgen hebben voor overheden en industrie, benadrukt hij.
Deelnemers aan de bijeenkomst waren onder meer WHO-functionarissen die verantwoordelijk zijn voor pandemiebestrijding, waaronder Dr. Maria Van Kerkhove.
Critici zien deze functionarissen als vertegenwoordigers van een gecentraliseerd systeem dat tijdens COVID-19 strenge maatregelen zoals lockdowns, mondmaskers en vaccinatiecampagnes ondersteunde.
Zij bekritiseren met name de nadruk op collectieve maatregelen en vaccinatie, en zien dit als een beperking van individuele keuzevrijheid.
De WHO heeft elders aangegeven dat “zich in de toekomst grieppandemieën zullen voordoen”.
De huidige activering van het PIP-raamwerk laat zien dat de infrastructuur die tijdens COVID-19 werd gebruikt, wordt voorbereid voor toekomstige pandemische situaties, benadrukt Fleetwood.

