In Utrecht gaan twee vrouwen aangifte doen tegen een politieagent wegens het gebruik van vermeend disproportioneel geweld bij hun aanhouding op en rond het stationsplein bij winkelcentrum Hoog Catharijne. Het incident, dat maandag plaatsvond, heeft de afgelopen dagen geleid tot maatschappelijke verontwaardiging en een politieonderzoek naar de handelwijze van de betrokken medewerker.
Het geweldsincident werd kort na de aanhouding vastgelegd op video’s die op sociale media circuleren en breed gedeeld zijn. De beelden tonen hoe een agent een vrouw vastpakt en richting een politiewagen leidt. Kort daarna is te zien dat een tweede vrouw, die de situatie filmt met een telefoon, een trap uitdeelt krijgt van dezelfde agent. Vervolgens lijkt de agent met zijn wapenstok een van de vrouwen te slaan. Op de fragmenten is geen duidelijke aanleiding te zien voor het geweld.
De twee vrouwen, van wie een 23-jarige uit De Koog, geven aan dat er geen sprake was van enige agressie of gevaarlijk gedrag voordat het geweld plaatsvond. Hun advocaat, Anis Boumanjal, laat weten dat zij aangifte zullen doen van mishandeling en poging tot zware mishandeling, en dat zij daarmee ook een signaal willen afgeven over de ernst van het incident en de mogelijke disproportionaliteit van het geweld. Volgens de advocaat staan de vrouwen onder medische behandeling naar aanleiding van het incident.

Het voorval heeft ook discussie opgeroepen over mogelijke racistische bejegening door de agent. De vrouwen hebben aangegeven dat er, naar hun zeggen, racistische uitlatingen zijn gedaan tijdens het voorval, waaronder de woorden “je hoort niet in dit land”. Hoewel dit niet door de politie is bevestigd, zegt de politie dat de beelden vragen oproepen en dat dergelijke signalen serieus worden genomen nu het onderzoek loopt.
Volgens de politie was er voorafgaand aan de aanhouding sprake van overlast door een groep van ongeveer twintig personen, waarbij één van de agenten zou zijn uitgescholden. De politie benadrukt dat er nog geen conclusies getrokken kunnen worden en dat camerabeelden en verklaringen van betrokkenen worden bekeken in het kader van het onderzoek. Ook benadrukt de politie dat geweld alleen is toegestaan als alternatief de-escalatie niet mogelijk is en dat dit binnen de regels van de Politiewet en de ambtsinstructie moet blijven.
Het regionaal sectorhoofd en de commissie geweldsaanwending binnen de politie voeren momenteel een interne beoordeling uit naar de toedracht en proportionaliteit van het geweld. Dit betekent dat de handelingen van de agent naast de beelden ook worden afgewogen aan de hand van interne richtlijnen over geweldsgebruik. Politievakbond ACP heeft laten weten dat het voor beide partijen vervelend is en dat men eerst de uitkomsten van het onderzoek moet afwachten voordat er uitspraken worden gedaan over mogelijke strafmaatregelen of disciplinaire stappen.

De maatschappelijke impact van het incident is niet gering. De videobeelden hebben online veel reacties opgeroepen, waarbij sommige kijkers het optreden van de agent als onnodig en heftiger dan noodzakelijk beschouwen. Tegenstanders van het geweld stellen dat filmen van de aanhouding geen reden kan zijn voor fysiek ingrijpen, en wijzen erop dat de inzet van een wapenstok voorzichtig en proportioneel moet gebeuren in het licht van de omstandigheden.
Politiegeweld en de grenzen daarvan zijn in Nederland al langere tijd onderwerp van maatschappelijke discussie. Recht op bescherming en veiligheid van burgers tegenover de bevoegdheid van de politie om geweld te gebruiken om hun taken te vervullen, blijft een gevoelig vraagstuk. De Nederlandse Politiewet en ambtsinstructies geven richtlijnen over wanneer geweld gerechtvaardigd is, maar de beoordeling daarvan wordt in veel gevallen pas duidelijk in juridische procedures of interne evaluaties.
Het onderzoek naar het geweldsincident bij Hoog Catharijne loopt nog en het Openbaar Ministerie moet uiteindelijk beoordelen of er een strafrechtelijk onderzoek gestart wordt tegen de betrokken agent. Afhankelijk van de uitkomsten van het politieel en mogelijk justitieel onderzoek kan er ook interne disciplinaire actie volgen. Voor nu blijft het incident onderwerp van debat onder burgers, juristen en experts op het gebied van politieoptreden en geweldstoepassing.
