• vr. jan 30th, 2026

Een grote overwinning voor ons? Absoluut. De aanhouder wint? In dit geval wel tenminste. Lees even mee wat de Volkskrant schrijft:

“Het KNMI komt daarmee tegemoet aan critici van de stichting Clintel, een denktank die het nut van klimaatbeleid betwist. De klimaatcritici wijzen er al acht jaar op dat het KNMI een aantal hittegolven ten onrechte uit de boeken heeft geschrapt. ‘Het is goed dat het KNMI ons nu bij deze herziening heeft betrokken en dit rechtzet’, zegt Clintel-directeur Marcel Crok. ‘Maar het was wel een heel lange battle.’

En even verderop zegt KNMI-onderzoeker Peter Siegmund zelfs het volgende:

“Ruim zes jaar geleden verklaarde het KNMI nog aan de Volkskrant ‘dat we geen enkele behoefte voelen inhoudelijk te reageren’ op de kwestie. De critici zouden zich te veel ‘in de hoek van achterdocht en ontkenning positioneren’, zei een woordvoerder destijds. Daarop komt het instituut nu terug. ‘Deze criticus had gewoon een punt’, zegt KNMI-klimaatwetenschapper Peter Siegmund over de belangrijkste criticus, de gepensioneerde mycoloog Frans Dijkstra.

Frans Dijkstra is een van de vier onderzoekers en de eerste auteur van de wetenschappelijke paper die wij in 2021 over deze kwestie publiceerden. Op de website van het KNMI zelf leest het artikel over deze kwestie zoveel mogelijk als een nothing to see here. Maar de journalist van de Volkskrant, had het haarscherp in de gaten. Dit is nieuws. Een jarenlang ‘conflict’ tussen ons en het KNMI werd plots in ons voordeel beslecht en een KNMI-er erkent het in de krant. Voor wie het klimaatdebat volgt is deze erkenning door het KNMI bijna een mirakel. Ik zal in dit artikel vooral het proces beschrijven. Mijn collega’s Frans Dijkstra en Rob de Vos schreven al een artikel dat inhoudelijk de nieuwe correcties van het KNMI bespreekt.

Hittegolven

Over deze kwestie heeft Clintel in 2019 een dik rapport geschreven met de Suske en Wiske-achtige titel Het raadsel van de verdwenen hittegolven (een beetje humor erin houden is belangrijk vonden wij) en later in 2021 een wetenschappelijk artikel. Het draait om het volgende: Het KNMI corrigeerde in 2016 oude temperatuurmetingen (periode 1901-1950) in De Bilt vanwege de overgang naar een nieuw meetstation en een verplaatsing van een paar honderd meter op het KNMI-terrein. Normaal gesproken meet je dan een paar jaar met de oude en nieuwe methode op dezelfde locatie en dan kun je corrigeren voor een eventuele systematische afwijking tussen de twee methoden en heb je weer een ‘homogene’ reeks (vandaar dat het proces homogenisatie heet).

Het KNMI beweerde aanvankelijk echter dat er geen parallelmetingen gedaan waren in 1950 (later bleken die er wel te zijn, maar alleen niet voor de verplaatsing) en besloot De Bilt daarom met een statistische methode te corrigeren aan de hand van station Eelde dat 150 kilometer ten noordoosten van De Bilt ligt. De correcties van het KNMI voor De Bilt hadden nagenoeg geen effect op de jaargemiddelde temperaturen (dus leken in orde) maar op extreem warme dagen liepen de dagcorrecties hoog op, tot wel 1,2 graden op warme junidagen, 1,6 graden op julidagen en maar liefst 1,9 graden op augustusdagen. Als gevolg daarvan verdwenen er 16 van de 23 hittegolven uit de periode 1901-1950 uit onze geschiedenisboeken. De bloedhete zomer van 1947, die met vier hittegolven recordhouder was (tot dan toe) verloor er drie en zakte dus uit de top weg.

De kwestie laaide op in de warme zomer van 2018. Claims dat hittegolven tegenwoordig drie keer zo vaak voorkomen waren geregeld te horen in de media. Ja, na de correcties van het KNMI, repliceerde ik op twitter (nu 𝕏). Ik deed een oproep voor crowdfunding en Rob de Vos van de website klimaatgek.nl en ik gingen aan de slag om te kijken of de correcties van het KNMI legitiem waren. Later sloten Frans Dijkstra en Jan Ruis, allen gepensioneerd, zich bij ons aan. Ons rapport in 2019 stelde dat het KNMI (veel) te ver was doorgeschoten in haar correcties en dat die correcties wat ons betreft ‘onverdedigbaar’ waren. De Telegraaf bereidde een artikel voor, met wederhoor van het KNMI, maar op het laatste moment werd dat teruggefloten door de hoofdredactie van de krant. Later vernam ik dat de toenmalige directeur van het KNMI, Gerard van der Steenhoven, op een bijeenkomst voor KNMI-alumni had gepocht dat het artikel door zijn toedoen niet verschenen was.

Potkaars

Ik werd benaderd door Rico Brouwer die mij wilde interviewen voor zijn podcast Potkaars.nl. Brouwer besloot vooraf het KNMI te vragen om een reactie en dat werd een heel interessant gesprek. Cees Molenaars, destijds woordvoerder van het KNMI (inmiddels overleden), zei onder andere:

  • Wat Marcel Crok schrijft is kwalijk.
  • Hij wordt niet serieus genomen, de Telegraaf prikte er doorheen en anderen media publiceren ook niet, geven hem geen podium.
  • Hij denkt dat KNMI het expres doet.
  • Hij wil niet weten hoe het echt zit.
  • Crok doet dit voor zijn klimaat sceptisch beeld.
  • KNMI heeft steeds laten zien aan hem hoe het zat.
  • Hij leeft van het feit dat hij een van de klimaatontkenners is.
  • Gelieerd aan Thierry Baudet, PVV, Rechterflank.
  • Hij wil hetze aan KNMI ontketenen.
  • Te veel eer hem van repliek te dienen.

Molenaars kon op dat moment het rapport nog niet gelezen hebben. Toch waren dit bij voorbaat zijn reacties. Voornamelijk speculaties over mijn motieven en diverse ad hominems. Aangezien Brouwer deze opmerkingen online had gezet nam ik per e-mail contact op met de KNMI-directeur Gerard van der Steenhoven en ik vroeg hem of dit de manier is waarop een door de overheid gefinancierd instituut met critici wil omgaan. Een gesprek op het KNMI volgde met hem en Cees Molenaars en dat was een onthutsende ervaring. Op mijn vraag of het KNMI zou gaan reageren op ons rapport was het antwoord ontkennend. Op mijn vraag waarom niet was het antwoord: “We vertrouwen jou niet.” “Wetenschap is geen kwestie van vertrouwen”, antwoordde ik. “Of het klopt wat wij schrijven of niet en in beide gevallen wil ik het graag horen.’

Wij probeerden ook met de KNMI-onderzoeker die de homogenisatie had uitgevoerd in contact te komen, maar die wilde geen gesprek en uitsluitend per e-mail corresponderen.

De houding van het KNMI laat zich verklaren. Wij zijn vier buitenstaanders. Zij hebben de autoriteit, het geld (ons onderzoek al die jaren is vrijwel zonder financiering gedaan), goede contacten in Den Haag en getuige het incident bij De Telegraaf hadden ze de media ook behoorlijk onder controle. Zolang de media en de politiek er geen heisa van maakten was ons negeren verreweg het gemakkelijkst. We stonden 10-0 achter, ook al wisten we dat we gelijk hadden.

Peer reviewed

We besloten het over een andere boeg te gooien. Het KNMI had zijn homogenisatie nooit peer reviewed gepubliceerd. Ons rapport was ook niet peer reviewed maar werd onder andere om die reden niet serieus genomen. We besloten onze kritiek samen te vatten in de vorm van een wetenschappelijk artikel en na een aantal afwijzingen (deels terechte kritiek die ons werk beter heeft gemaakt) slaagden we er in december 2021 in ons werk te publiceren in een degelijk wetenschappelijk tijdschrift. De kern van onze kritiek is gebundeld in onderstaande figuur die ook in de paper staat:


Source: https://clintel.nl/verdwenen-hittegolven-terug-knmi-en-media-faalden-jarenlang/

.


Door Clintel

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *