
Keijzer pleit voor een mentaliteitsverandering: statushouders moeten, net als Nederlandse twintigers en dertigers, creatiever omgaan met huisvesting. Woningdelen, bij familie intrekken, of een kamer huren bij een hospita – dat is de realiteit voor veel jongeren in Nederland, en dat moet ook voor statushouders gelden. “We vinden het normaal dat onze eigen jongeren woningen delen,” zei ze, “dus waarom zouden we dat niet van statushouders verwachten?” Precies, Mona! Dit is niet alleen eerlijk, maar ook een broodnodige stap om de druk op de asielopvang te verlichten en de aanzuigende werking van ons asielbeleid te temperen.
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en woningcorporaties zoals Aedes sputteren natuurlijk tegen. Ze vrezen dat zonder voorrang de doorstroom van statushouders uit asielzoekerscentra stokt, wat de opvang verder onder druk zet. Maar laten we realistisch zijn: de woningnood treft iedereen, en het is niet eerlijk om één groep systematisch voor te trekken. Keijzer’s plan biedt alternatieven, zoals tijdelijke woonlocaties en woningdelen, die ook andere spoedzoekers zoals studenten ten goede komen. Bovendien krijgt het voorstel steun van veel Nederlanders, die in de consultatie massaal aangaven dat statushouders niet langer voorgedrongen mogen worden.
Laten we hopen dat de Raad van State snel groen licht geeft, zodat dit wetsvoorstel met vaart door de Kamer gaat. Het is tijd dat de woningmarkt eerlijker wordt en dat Nederlandse jongeren niet langer het gevoel hebben dat ze achtergesteld worden. Keijzer snapt dat, en dat maakt haar aanpak zo verfrissend. Dit is een stap naar een rechtvaardiger Nederland – en laten we eerlijk zijn, dat is precies waar we met z’n allen op zitten te wachten.
.

