
“Liverpool is hiertoe niet verplicht. Dit is zeer ruimhartig.”
En hij heeft gelijk. Want onder de oppervlakte van dit warme gebaar schuilt een kille realiteit: de verzekeringswereld laat clubs én spelers keihard vallen op het moment dat het erop aankomt.
Neem de zogeheten ‘accidental death’-verzekering. Die klinkt als een vangnet, maar is vooral een schijnzekerheid. Hartfalen? Uitgesloten. Medische oorzaken? Vaak ook niet gedekt. Dus terwijl clubs als Liverpool torenhoge premies aftikken, blijven ze bij een tragedie als deze alsnog met lege handen staan.
En dan hebben we het nog niet eens over het kapitaal dat met zo’n speler gemoeid is:
- a]:text-primary dark:[&>a]:text-white [&>a]:underline md:text-lg text-base”>Jota’s transferwaarde: 40 miljoen euro
- a]:text-primary dark:[&>a]:text-white [&>a]:underline md:text-lg text-base”>Salarisverplichting: 15 miljoen euro
- a]:text-primary dark:[&>a]:text-white [&>a]:underline md:text-lg text-base”>Totale financiële dreun: 60 miljoen euro
Wannet, die clubs in de Eredivisie, Jupiler Pro League en zelfs de Bundesliga verzekert, ziet het vaker: pas na een ramp komt het besef. Zo ook na de zaak-Nouri, die voor Ajax een existentiële wakkerschudder was.
In het profvoetbal ben je als speler niet alleen een sportman, maar een wandelende investering. Clubs behandelen je zo – maar zijn vaak beroerd voorbereid op het moment dat die investering ineens ophoudt.
Het antwoord is simpel én pijnlijk: geld. De verzekeringssector incasseert moeiteloos, maar weigert te leveren wanneer het telt. Clubs betalen, spelers geloven in veiligheid – tot de klap komt. Dan wijzen de kleine lettertjes richting de uitgang.
Liverpool’s gebaar is een zeldzaam lichtpuntje in een verder donker systeem. Maar dat zou het niet moeten zijn. Het zou normaal moeten zijn. En dus moet dit dienen als wake-upcall voor de hele voetbalindustrie. Want als spelers kapitaal zijn, behandel ze dan ook als serieuze investering – inclusief verzekering tegen het allerergste.
Spelers zijn méér dan contracten. Maar als het systeem dat blijft ontkennen, dan is het minste wat we kunnen doen: hun families beschermen. Zonder mitsen, zonder maren.
.

