
Een fundamenteel recht in het geding
De situatie is inmiddels een totale impasse. Het dekenberaad, de organisatie die toezicht houdt op de advocatuur, heeft na een met acht weken verlengde zoektocht de handdoek officieel in de ring gegooid. Volgens het beraad zijn er “vele gesprekken” gevoerd, maar gaven advocaten in de eindfase aan dat de zaak voor hen persoonlijk niet haalbaar was vanwege de enorme impact.
Hoogleraar strafrecht Sven Brinkhoff trekt een scherpe conclusie over deze unieke situatie in de geschiedenis van het Nederlandse strafrecht: “Als niemand opstaat zit je in een impasse”. De grote vraag is hoe het nu verder moet in het hoger beroep.
ZE WILLEN DAT WE ZWIJGEN: Steun DDS in de strijd tegen de afbraak van onze rechtsstaat en het partijkartel! (LET OP: HET ARTIKEL GAAT HIERONDER DIRECT VERDER!)
De elitaire media en de lakeien van het kartelkabinet-Jetten kijken liever weg wanneer onze rechtsstaat op zijn grondvesten schudt. Wij weigeren dit te accepteren en eisen dat fundamentele rechten altijd gewaarborgd blijven, voor iedereen. Wilt u dat wij onbarmhartig de vinger op de zere plek blijven leggen? Steun ons dan nu!
OPTIE 2: Via uw eigen bank IBAN: NL95 RABO 0159 0983 27 t.n.v. Liberty Media. Vergeet niet uw e-mailadres in de omschrijving te zetten voor toegang tot onze exclusieve ‘verboden’ columns! Gratis in uw inbox!
De angst regeert
Natuurlijk is de terughoudendheid bij advocaten verklaarbaar. De geschiedenis van Taghi’s eerdere raadslieden is een gitzwart dossier. Zijn neef Youssef kreeg 5,5 jaar cel voor het doorsluizen van berichten, en ook oud-advocaten Inez Weski en Vito Shukrula worden hiervan verdacht.
Michael Ruperti stopte er op zijn beurt mee omdat zijn integriteit in twijfel werd getrokken. De dreiging is immens. Dit bleek ook wel uit het feit dat het dekenberaad de mededeling over het mislukken van de zoektocht anoniem via een PR-bureau de wereld in stuurde.
Een journalistieke waarnemer noteerde hierover zeer treffend:
“Dat laat wederom zien dat de dreiging door alle partijen nog steeds zo wordt gevoeld dat ook zij op dit moment het liefst in anonimiteit zo’n bericht de wereld in slingeren. Dat is heel ernstig.”
Toch mag angst nóóit een reden zijn om de rechtsstaat te laten ontsporen.
Tijd voor keiharde dwang
Hoogleraar Brinkhoff stelt dat het aanwijzen en dwingen van een advocaat om Taghi te verdedigen “geen optie” is. Het gerechtshof overweegt nu zelfs om het proces mogelijk zonder advocaat voort te zetten, waarbij rechters deels de rol van de verdediging zouden moeten overnemen. Dat is een absurd en onwerkbaar scenario. Rechters moeten oordelen, niet verdedigen.
Als de bal inderdaad rond is en de advocatuur zelf faalt om iemand naar voren te schuiven, moet de overheid ingrijpen met de middelen die het heeft. Een advocaat legt een eed af om verdachten bij te staan in een rechtsstaat.
Het stuitende onvermogen om nu een oplossing te vinden, vraagt om een ongekende, maar noodzakelijke stap: wijs een team van topadvocaten aan en verplicht hen hun werk te doen, met de maximale beveiliging die de staat kan bieden. Alleen zo blijft de geloofwaardigheid van onze rechtspraak overeind.
.

