
Het Wereld Economisch Forum (WEF) heeft tijdens een internationale conferentie voorgesteld om fundamentele natuurlijke hulpbronnen zoals water, lucht en bodem sterker in economische modellen te integreren en er een meetbare financiële waarde aan toe te kennen.
De uitspraken werden gedaan tijdens een paneldiscussie met de titel “Understanding Nature’s Ledger” op de Annual Meeting of the New Champions 2024 in het Chinese Dalian. Het doel van de discussie was om na te denken over nieuwe benaderingen voor de integratie van zogenaamd “natuurlijk kapitaal” in economische besluitvormingsprocessen, schrijft The Winepress.
Onder “natuurlijk kapitaal” worden hier dyyrzame en niet-duurzame hulpbronnen verstaan, zoals planten, dieren, water, lucht, bodems en mineralen, die als basis dienen voor economische activiteiten.
Magdalena Skipper, hoofdredacteur van het wetenschappelijke tijdschrift Nature en moderator van de discussie, benadrukte de noodzaak om verder te kijken dan klassieke economische indicatoren en ecosysteemdiensten systematisch in besluitvormingsprocessen te betrekken. Ze legde uit dat modellen die rekening houden met schoon water, schone lucht, voeding en menselijk welzijn in de toekomst een centrale rol moeten spelen.
‼️„Water, bodem en zuurstof zouden niet onbeperkt beschikbaar moeten zijn. Het zijn activa die in de mondiale economische balansen moeten worden opgenomen.“
Dit is geen satire. Het World Economic Forum wil zelfs ademhalen te gelde maken.
Lindsay Hooper, directeur van het Cambridge Institute for Sustainable Leadership, legde uit dat economische systemen tot nu toe voornamelijk gericht zijn op financiële indicatoren, terwijl de afhankelijkheid van natuurlijke hulpbronnen wordt onderschat. Ze stelde dat lucht, water, bodem en andere hulpbronnen de fundamentele bouwstenen van elke economie vormen.
Tegelijkertijd waarschuwde ze dat de huidige groeimodellen de draagkracht van de planeet overschrijden. Hulpbronnenverbruik, milieuvervuiling en afval leiden tot aanzienlijke ecologische en economische risico’s. Voorbeelden hiervan zijn waterschaarste, die de toeleveringsketens belemmert, dalende landbouwopbrengsten door bodemdegradatie en de afname van bestuivers, die de voedselproductie in gevaar brengt.
Hooper legde uit dat er tot nu toe onvoldoende rekening wordt gehouden met deze risico’s bij economische beslissingen, omdat de natuur vaak als onbeperkt en gratis wordt beschouwd. Ze pleitte ervoor om natuurlijke hulpbronnen op te nemen in balansen en er een economische waarde aan toe te kennen. Dit zou kunnen bijdragen aan het creëren van stabiliteit op de lange termijn en bedrijven weerbaarder maken tegen risico’s.
In het verdere verloop van de discussie werd benadrukt dat een dergelijke transformatie overheidsmaatregelen vereist. Hiertoe behoren onder andere subsidies, belastingen, regelgeving en overheidsopdrachten om natuurkapitaal sterker in economische systemen te integreren.
Ook vertegenwoordigers uit China wezen op soortgelijke ontwikkelingen. Song Changqing van de National Development and Reform Commission lichtte een model toe voor de zogenaamde “waarderealisatie van ecosysteemproducten”, waarbij natuurlijke diensten zoals schoon water of lucht als economische goederen worden beschouwd.
Hij wees erop dat mensen tot nu toe vaak gratis gebruik maken van deze diensten, maar de werkelijke waarde ervan pas zouden inzien als ze niet langer vanzelfsprekend beschikbaar zouden zijn.
Een ander centraal thema was de behoefte aan uitgebreide gegevens. Li Pengcheng, voorzitter van de Mengniu Group, legde uit dat voor een betrouwbare beoordeling van natuurkapitaal grote hoeveelheden gegevens nodig zijn, die tot nu toe nog niet in voldoende mate beschikbaar zijn.
Ter afsluiting van de discussie benadrukte Skipper de noodzaak van internationaal afgestemde normen om natuurkapitaal op een vergelijkbare en eerlijke manier in mondiale economische systemen te integreren. Ze verwees daarbij ook naar bestaande benaderingen zoals CO₂-beprijzing en stelde voor om soortgelijke modellen in de toekomst ook uit te breiden naar andere hulpbronnen, zoals water.
De discussie sluit aan bij reeds langer bestaande debatten over milieubeprijzing. Internationale organisaties zoals het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en het World Economic Forum hebben in het verleden herhaaldelijk opgeroepen tot wereldwijde CO₂-belastingen.
Ook eerdere uitspraken van vooraanstaande figuren uit het bedrijfsleven en de industrie laten zien dat het idee van een economische waardering van hulpbronnen niet nieuw is. Zo had de voormalige Nestlé-topman Peter Brabeck-Letmathe al betoogd dat water een belangrijk goed is dat een marktwaarde zou moeten hebben, in plaats van te worden beschouwd als een onbeperkt beschikbaar openbaar goed.
[embedded content]Vind je het belangrijk dat er nog onafhankelijke berichtgeving bestaat die niet wordt gestuurd door grote belangen? Met jouw steun kunnen we blijven schrijven en onderzoeken. Klik hieronder en draag bij aan het voortbestaan van Frontnieuws.
Copyright © 2026 vertaling door Frontnieuws. Toestemming tot gehele of gedeeltelijke herdruk wordt graag verleend, mits volledige creditering en een directe link worden gegeven.
WEF-boodschap: Joden en moslims moeten hun krachten bundelen tegen ‘oude Europeanen’
Volg Frontnieuws op 𝕏 Volg Frontnieuws op Telegram
Lees meer over:
.
