
Miljarden voor de asielindustrie, geen cent voor onze zieken
Dat leest u goed. Het geld van de belastingbetaler moet volgens Hermans streng bewaakt worden. Maar wie ís die belastingbetaler? Dat zijn precies deze ruim duizend mannen die hun hele leven keihard hebben gewerkt, premies hebben afgedragen en deze maatschappij hebben opgebouwd.
En nu ze aan het einde van hun leven getroffen worden door uitgezaaide, dodelijke prostaatkanker, wordt hen een medicijn ontzegd dat hun leven met waardevolle maanden kan verlengen. Omdat de overheid het plotseling vertikt om de portemonnee te trekken.
Het ontbrak het kabinet er niet aan om tot “een maatschappelijk aanvaardbare prijs” te komen, zo luidt het excuus. Maar is het maatschappelijk aanvaardbaar om je eigen burgers te laten sterven omwille van een Excel-sheet?
Laat de waarheid niet verzwijgen: blijf op de hoogte van de kille bureaucratie in Den Haag en de afbraak van onze zorg! (Let op: het artikel gaat hieronder direct verder!)
Mensenlevens gevangen in de ‘sluis’
Natuurlijk is de farmaceutische industrie niet heilig. De fabrikant vraagt ruim 75.000 euro per behandeling, wat neerkomt op 78 miljoen euro per jaar. Volgens de rekenmeesters van het Zorginstituut zou de prijs met maar liefst 87 procent moeten dalen om “kosteneffectief” te zijn. Dat de farmaceut weigert en exorbitant hoge prijzen vraagt, is schandalig.
Maar het is de verdomde taak van de overheid om haar burgers te beschermen. In plaats daarvan belandt het medicijn in de zogenoemde ‘sluis’. Dit is een beruchte, stroperige wachtkamer voor nieuwe, dure geneesmiddelen (die meer dan 20 miljoen euro per jaar kosten).
Tijdens deze sluisperiode wordt er eindeloos gesteggeld over de prijs om miljoenen te besparen. Dat klinkt leuk voor de staatskas, maar voor de terminale patiënt is deze bureaucratische sluis niets anders dan een martelkamer waar de tijd genadeloos wegtikt.
Geen tijd om te wachten
De botte realiteit is dat deze mannen helemáál geen tijd hebben om te wachten op het trage diplomatieke steekspel tussen minister Hermans en de farmaceutische miljardenindustrie. Hun kanker is uitgezaaid en niet meer te genezen. Elke maand telt.
De minister stelt lafjes dat ze bereid is om “opnieuw het gesprek aan te gaan” als de leverancier alsnog de prijs flink laat zakken. Maar voor veel van de duizend mannen die nu hoopten op deze levensreddende injectie, zal die nieuwe gespreksronde te laat komen.
Ze worden meedogenloos opgeofferd op het altaar van de boekhouding. Het is en blijft onverteerbaar: miljarden voor ideologische waanzin en migratie, maar voor het leven van een Nederlandse man is 75.000 euro ineens te veel gevraagd.
.

