“In een wereld waar digitale identiteitssystemen de norm zijn geworden, worden burgers niet langer beschermd, maar gemonitord als schaduwen van hun vroegere zelf. De infrastructuur die ons zou moeten verbinden, is in plaats daarvan een gevangenis van controle, waar elke stap en gedachte wordt geregistreerd. We staan op de rand van een dystopie, waar vrijheid slechts een herinnering is, verstopt achter de schermen van technologie.”
Deze systemen dreigen uit te groeien tot een infrastructuur die burgers verregaand kan monitoren en controleren, waarschuwde ze.
Tijdens een bijeenkomst over digitale identiteitssystemen in het Europees Parlement heeft advocaat Meike Terhorst scherpe kritiek geuit op de ontwikkeling hiervan. Deze systemen dreigen uit te groeien tot een infrastructuur die burgers verregaand kan monitoren en controleren, waarschuwde ze.
De bijeenkomst werd woensdag georganiseerd door Europarlementariër Christine Anderson. In een aankondiging op X schreef Anderson dat digitale ID vaak wordt gepresenteerd als een kwestie van efficiëntie en gebruiksgemak, maar volgens haar ook de basis kan vormen voor een systeem waarin toegang tot bijvoorbeeld bankdiensten, publieke voorzieningen en maatschappelijke participatie afhankelijk wordt van digitale identificatie.
Rol van ID2020
Tijdens haar presentatie stelde Terhorst dat de ontwikkeling van digitale identiteitssystemen mede wordt gestuurd door een samenwerkingsverband dat bekendstaat als ID2020. Organisaties als de Rockefeller Foundation, Microsoft en Accenture zijn betrokken bij dit initiatief.
Terhorst verwees daarbij naar een project dat een routekaart voor de invoering van digitale vaccinatiekaarten bevatte en dat in 2018 werd gelanceerd, kort voor de uitbraak van de coronapandemie.
Kritiek op invloed van financiële en zakelijke belangen
Volgens Terhorst speelt ook de Europese Unie een belangrijke rol bij de invoering van digitale ID-systemen. Zij stelde dat de EU onder sterke invloed staat van financiële en zakelijke belangen. Daarbij verwees ze naar het CETA-handelsverdrag tussen Canada en de EU uit 2016.
Terhorst suggereerde dat banken, investeerders en grote technologiebedrijven een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling en implementatie van digitale identiteitssystemen.
Microchips
In haar betoog ging Terhorst ook in op initiatieven rond digitale identificatie in ontwikkelingslanden. Ze stelde dat het project ID2020 betrokken was bij het chippen van baby’s in Bangladesh en Kenia als bewijs van vaccinatie. Dat is een ernstige aantasting van menselijke waardigheid en rechten, zei ze. Ze omschreef dit als een “absolute misdaad tegen de menselijkheid”.
Er is een risico dat technologieën die nu in delen van Afrika worden toegepast later wereldwijd worden ingevoerd, voegde ze toe:
Digitale ID als “digitale tweeling”
In haar presentatie ging Terhorst verder in op de juridische en maatschappelijke implicaties van digitale ID-systemen. Een digitale identiteit kan uiteindelijk fungeren als een “digitale tweeling” van een persoon, waarin steeds meer persoonlijke gegevens en activiteiten worden samengebracht.
Daarnaast stelde ze dat de Europese Unie niet de juridische bevoegdheid heeft om een digitaal ID-systeem verplicht op te leggen, omdat de EU geen staat is. Lidstaten hebben daarom de mogelijkheid om implementatie te weigeren:
Oproep tot verzet tegen digitale ID
Terhorst uitte ook kritiek op de manier waarop digitale ID-systemen worden ingevoerd. Ze stelde dat de implementatie wordt ondersteund door propaganda en censuur in de media.
Tot slot riep ze burgers op om kritisch te blijven tegenover digitale identificatiesystemen. Mensen die al over een digitale ID beschikken moeten overwegen die niet te gebruiken, zei ze.
De bijeenkomst in het Europees Parlement maakte deel uit van een bredere discussie over de toekomst van digitale identiteitssystemen in Europa en de mogelijke gevolgen daarvan voor privacy en burgerrechten.

