
De Vijf Voorwaarden voor een Rechtvaardige Oorlog
Wanneer we deze theorie loslaten op de huidige Amerikaanse kruistocht tegen Iran, vallen de oorlogshaviken direct door de mand.
ZE WILLEN DAT WE ZWIJGEN: Steun DDS in de strijd tegen de westerse oorlogshaviken! (LET OP: HET ARTIKEL GAAT HIERONDER DIRECT VERDER!)
De media-elite en de lakeien van het kabinet-Jetten praten deze imperialistische bloedbaden maar al te graag goed, maar wij prikken dwars door de propaganda heen. Wilt u dat de nuchtere stem behouden blijft en we deze geopolitieke waanzin genadeloos blijven ontmaskeren? Steun ons dan nu!
OPTIE 2: Via uw eigen bank IBAN: NL95 RABO 0159 0983 27 t.n.v. Liberty Media Vergeet niet uw e-mailadres in de omschrijving te zetten voor toegang tot onze verboden SubStack-columns! Gratis in uw inbox!
Ongrondwettelijk Machtsmisbruik
Het eerste punt waarop de neoconservatieve droom sneuvelt, is de ‘juiste autoriteit’. In de Verenigde Staten is het uitsluitend het Congres dat de oorlog kan verklaren. Dat is simpelweg niet gebeurd. Marshall legt de vinger pijnlijk op de zere plek: “De president, president Trump, heeft eenzijdig gehandeld als opperbevelhebber.” De analist voegt daaraan toe: “Hij is overgegaan tot gewelddadige oorlogshandelingen zonder de Grondwet te volgen.”
Dit betekent dat de oorlog op volstrekt illegitieme gronden is gestart en het ontbreekt aan de juiste democratische en wettelijke goedkeuring:
“We hebben in onze grondwet, in onze republiek, in onze regering de stappen om van vrede over te gaan op gewelddadige actie tegen een andere natie. In dit geval was het niet de legitieme autoriteit.”
De Leugen van de Preventieve Oorlog
Nog verwoestender is het gebrek aan een ‘rechtvaardige oorzaak’. Het hoofdargument vanuit Washington is dat ze met deze agressie een toekomstige nucleaire dreiging willen stoppen. Marshall veegt daar genadeloos de vloer mee aan:
“Een beoordeling van wat in de toekomst het geval zou kunnen zijn, een mogelijke situatie in de toekomst, is geen rechtvaardige oorzaak.”
Hij maakt een briljante, cynische vergelijking om de absurditeit van deze neoconservatieve logica aan te tonen:
“Dit is alsof je zegt: nou, ik denk dat die jongen op de speelplaats een mes in zijn zak heeft en ik ben er vrij zeker van dat hij me uiteindelijk zal neersteken, dus ik ga hem uitschakelen.”
Dit is exact het soort drogredenen waarmee de wereld destijds de rampzalige oorlog in Irak werd ingetrokken, gebaseerd op verzonnen spookverhalen over massavernietigingswapens. “Preëmptieve oorlog is geen rechtvaardige zaak,” concludeert Marshall uiterst helder.
Terwijl het Nederlandse partijkartel en figuren zoals Mark Rutte de Amerikaanse agressie blindelings slikken en de escalatie toejuichen, toont deze ijzersterke analyse aan dat deze oorlog op pure willekeur en drijfzand is gebouwd. Het is geen nobele strijd voor vrede en veiligheid, maar keiharde, onrechtvaardige agressie.
.

