
Dat kan relevant zijn wanneer de loonbetaling tijdens een langdurige ziekteperiode daalt. De huur, boodschappen en energierekening lopen ondertussen door. Een lager loon betekent echter niet automatisch dat UWV het verschil met je oude salaris volledig vergoedt. De regeling kent inkomensgrenzen, uitsluitingen en een maximum.
Ook mogelijk als je nog gewoon in dienst bent
UWV noemt verschillende situaties waarin een toeslag mogelijk is. Je ontvangt bijvoorbeeld een UWV-uitkering, krijgt een Ziektewet-uitkering via je voormalige werkgever of bent ziek terwijl je huidige werkgever minder loon betaalt dan vóór je ziekte.
De regeling is daarmee gericht op een tekort aan inkomen. Alleen de mededeling dat je werkgever minder betaalt, is onvoldoende om je recht vast te stellen.
Deze bruto-inkomensgrenzen gelden vanaf juli 2026
Het sociaal minimum verschilt per huishouden. Voor een alleenstaande vanaf 21 jaar tot de AOW-leeftijd vermeldt UWV vanaf 1 juli 2026 een bedrag van €1.669,31 bruto per maand.
Voor gehuwden en daarmee gelijkgestelde samenwonenden gaat het om €2.337 bruto per maand voor twee personen samen. Dat is dus geen bedrag per partner. Voor een alleenstaande woningdeler vanaf 21 jaar staat €1.086,20 bruto per maand vermeld.
Vergelijk daarbij bruto met bruto. Het bedrag dat op je bankrekening verschijnt, kun je niet rechtstreeks naast een bruto-inkomensgrens leggen.
De aanvulling is geen tweede volledig inkomen
De genoemde normen zijn maximumbedragen voor het inkomen na aanvulling. Ze zijn niet het bedrag dat je boven op je bestaande salaris krijgt.
Er geldt bovendien een belangrijke beperking wanneer je vóór je ziekte al minder verdiende dan het sociaal minimum. Dat kan bijvoorbeeld voorkomen bij een kleine deeltijdbaan. UWV vult dan maximaal aan tot het eerdere bruto-inkomen.
Ook zijn sommige huishoudens uitgesloten. Dat geldt onder meer wanneer je jonger bent dan 21 jaar en bij je ouders woont. Een andere uitsluiting betreft mensen met een partner die na 31 december 1971 is geboren, terwijl er geen kinderen jonger dan 12 jaar in huis wonen. Controleer zulke voorwaarden voordat je rekent op een betaling.
Aanvragen kan ook achteraf
Je kunt de toeslag aanvragen via Mijn UWV. Volgens de uitvoerder is aanvragen met terugwerkende kracht mogelijk tot maximaal één jaar terug. Dat betekent niet dat je zonder gevolgen kunt wachten: vraag de aanvulling aan zodra je vermoedt dat je ervoor in aanmerking komt.
Leg voor je aanvraag je recente loonstroken en de gegevens over je huishouden klaar. Kijk ook op welk moment je loon is verlaagd. Daarmee kun je gerichter laten beoordelen vanaf wanneer mogelijk recht bestaat.
Veranderen je inkomsten of ga je anders wonen, geef dat dan meteen door. De aanvulling is gebaseerd op je actuele situatie. Een eerdere toekenning betekent daarom niet dat het bedrag automatisch gelijk blijft.
Source: https://www.dagelijksestandaard.nl/economie/minder-loon-ziekte-toeslag-uwv-aanvragen
.

