• ma. aug 31st, 2026

Het Nieuws Maar Dan Anders,

Anders Hoor Je Het Niet!

“In een wereld waar ouders blindelings vertrouwen op de woorden van autoriteiten, worden de schaduwen van de waarheid zorgvuldig verborgen. De bijsluiters, vol met onzichtbare gevaren, blijven ongeopend, terwijl de stemmen van degenen die vragen durven te stellen, steeds stiller worden. In deze dystopie van desinformatie is de keuze om geïnformeerd te zijn een zeldzame daad van rebellie.”

Voor de prik: wat ouders zouden moeten weten.

Foto: Shixart1985, CC BY 2.0 (Wikimedia Commons)

Een Belgische holistische vroedvrouw stelt openlijk vragen over kindervaccinaties die in de mainstream zorg zorgvuldig worden vermeden. Caroline Van Doninck, met vijftien jaar ervaring als zelfstandig vroedvrouw en moeder van drie kinderen, trekt aan de alarmbel over wat ouders wél en níet te horen krijgen wanneer ze hun baby’s laten vaccineren:

Wat zit er eigenlijk in die injectie?

De meeste ouders gaan ervan uit dat een vaccin simpelweg een verzwakt virus is. Niets is minder waar. Vaccins bevatten naast antigenen ook zogenaamde adjuvantia, dragers, conserveringsmiddelen en stabilisatoren. In het poliovaccin — het enige verplichte kindervaccin in België — zitten zogeheten Vero-cellen: niercellen van apen, levend geoogst om het poliovirus op te kweken. In het mazelen-bof-rubellavaccin aldaar zitten cellen afkomstig van menselijke foetussen uit de jaren zestig en zeventig, bekend onder de codes MRC5 en WI-38. Dat staat gewoon in de bijsluiter, maar wie leest die?

Nanoaluminium is een andere stof die nauwelijks ter sprake komt. Anders dan het aluminium dat van nature in voeding voorkomt, wordt nanoaluminium in de bloedbaan opgenomen en kan het via celwanden en de bloed-hersenbarrière trekken. Polysorbaat 80, een emulgator in meerdere vaccins, helpt die doorgang verder te faciliteren. Zorgverleners worden hier doorgaans niet over geïnformeerd tijdens hun opleiding.

Vergeet niet om je te abonneren:

Vaccineren in de zwangerschap: een onbesproken risico

Naast kindervaccinaties na de geboorte worden zwangere vrouwen bij onze zuiderburen steeds vaker aangespoord om tijdens de zwangerschap meerdere vaccins te nemen: kinkhoest (altijd een combinatievaccin), griep, RSV en in sommige gevallen nog steeds een mRNA-covidvaccin. Van Doninck wijst erop dat klinische studies bij zwangere vrouwen ethisch gezien nauwelijks worden uitgevoerd. De beschikbare data richten zich vrijwel uitsluitend op antistoffen — niet op de effecten op de zich ontwikkelende foetus.

Tegelijk wordt zwangere vrouwen verteld dat hun immuunsysteem verzwakt is en dat ze extra bescherming nodig hebben. Van Doninck keert die redenering om: de natuur zorgt er tijdens de zwangerschap juist voor dat het lichaam van de moeder op volle kracht draait om de foetus te beschermen. Het verhaal van de “kwetsbare zwangere” dient in haar ogen eerder het vaccinatieprogramma dan de gezondheid van moeder en kind.

Schijnveiligheid: hoe vaccinstudies worden opgezet

Amerikaanse advocaat Aaron Siri, oprichter van de organisatie ICAN (Informed Consent Action Network), heeft de FDA voor de rechter gedaagd om inzage te krijgen in de veiligheidsstudies achter goedgekeurde vaccins. Wat hij aantrof, schokte hem: vaccins worden in studies zelden vergeleken met een placebo zoals een zoutoplossing. In plaats daarvan wordt vaccin A vergeleken met vaccin B, of met een versie van het vaccin zonder het actieve virus maar mét alle overige ingrediënten. Del Bigtree noemt dit de “wodka-whiskymethode”: beide groepen krijgen iets wat het lichaam belast, waarna geconcludeerd wordt dat de bijwerkingen vergelijkbaar en dus “veilig” zijn. Een echte controlegroep van niet-gevaccineerde kinderen ontbreekt systematisch.

Kinderarts Paul Thomas uit Oregon besloot dat anders aan te pakken. In zijn eigen praktijk gaf hij ouders volledige, tweezijdige informatie — voordelen én risico’s — en liet ze zelf kiezen. Na tien jaar trok hij de gezondheidsgegevens uit zijn patiëntenbestand. De uitkomst: kinderen die weinig of geen vaccins hadden ontvangen, vertoonden aanzienlijk minder chronische gezondheidsproblemen dan volledig gevaccineerde leeftijdsgenoten. Zijn licentie werd hem tijdelijk ontnomen nadat hij zijn bevindingen publiceerde.

Bijsluiters die niemand leest

Stuipen, tics, astma, eczeem, het Guillain-Barré syndroom (een vorm van verlamming), encefalitis en leerstoornissen: ze staan allemaal vermeld in de bijsluiters van gangbare kindervaccins. Bijwerkingen worden pas opgenomen nadat wetenschappelijk is aangetoond dat een vaccin die schade kán veroorzaken. Van Doninck beschrijft hoe ze zelf getuige was van een baby van vier maanden die twee dagen na zijn 16-wekenprik non-stop uren aan één stuk krijste — een klassiek teken van encefalitis, dat eveneens in de bijsluiter staat. De arts zocht elders naar een oorzaak.

Kinderen krijgen ook een combinatie van meerdere vaccins tegelijk. Of de cumulatieve belasting van al die stoffen op een pasgeboren immuunsysteem ooit serieus is onderzocht? Dat onderzoek bestaat niet.

Geïnformeerde keuze als fundament

Van Doninck positioneert zichzelf uitdrukkelijk niet als “antivaxer” — zijzelf en haar oudste kinderen zijn volledig gevaccineerd. Haar punt is principiëler: ouders hebben recht op volledige informatie voordat ze beslissen. Dat recht — informed consent — bestaat op papier, maar in de praktijk ontvangen ouders bij het consultatiebureau een folder waarop de bijwerkingen gereduceerd worden tot “koorts, roodheid en pijn”. De rest wordt weggemoffeld als zeldzaam of mild.

Zolang bijsluiters in onleesbaar jargon worden geschreven, studies geen eerlijke controlegroepen bevatten en zorgverleners kritische vragen vermijden uit angst voor beroepssancties, blijft een echte geïnformeerde keuze voor de meeste ouders een illusie. Wie verder wil graven, kan dat zelf doen — de bronnen zijn er. De vraag is alleen of het systeem wil dat je ze vindt.

Voel je vrij om dit artikel te delen:

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *